KORAN-NOTITIES

door

Linda Bogaert

• bogaert-index • cie-index • Islamitische Kwesties •

De handdruk: te nemen of te laten?

    .. Inleiding
    1. De handdruk

      1.1. Geschiedenis van de handdruk
      1.2. Geen universeel gebaar
      1.3. Monotheïstisch perspectief: seksuele connotatie van lichamelijk contact

    2. Elkaar begroeten volgens de islamitische etiquette

      2.1. Bescheidenheid en eerbaarheid
      2.2. De godsvrede
      2.3. Oorsprong van de vredeswens
      2.4. Verplichtingen en wenselijkheden
      2.5. Volgorde van begroeting
      2.6. Antwoorden met iets dat beter is
      2.7. Begroeten van niet-Muslims

    3. De handdruk volgens Koran en Sunnah

      3.1. Lichamelijk contact in sociale context
      3.2. Geen discriminatie of neerbuigendheid

    4. Besluit
    ..  Noten en Literatuur


Inleiding

Een handdruk maakt deel uit van ons Belgisch begroetingsritueel. Sommige Muslims voelen zich daar wat onwennig bij. Kan men als man een niet-verwante vrouw de hand drukken? Die aarzeling – soms ook weigering – wordt in België niet zelden op verontwaardiging onthaald. Men vindt zoiets aanstootgevend en al meteen wordt daar aan toegevoegd dat “wij hier de vrouwen respecteren”, implicerend dat Muslims niet bij “ons” horen, dat het niet geven van een handdruk een vorm van discriminatie is en dat Muslims geen respect hebben voor vrouwen. Echter, wanneer de terughoudendheid om iemand van het andere geslacht een handdruk te geven een uitdrukking zou zijn van gebrek aan respect, zouden Muslimvrouwen met hun terughoudendheid om mannen een handdruk te geven volgens dezelfde logica een totaal gebrek aan respect voor mannen in de Islam tot uiting brengen. Er klopt duidelijk iets niet met deze redenering. Wat is er dan wel aan de hand? Hoe hoort men elkaar volgens de Islam eigenlijk te begroeten? Want de aangereikte hand plaatst veel Muslims voor een dubbele vraag: mogen zij vanuit de Islam een handdruk wel beantwoorden? Anderzijds: mogen zij een uitgestoken hand weigeren?



1. De handdruk

1.1. Ontstaan van de handdruk

Er bestaan verschillende verklaringen voor het ontstaan van de handdruk. Volgens Peter M. Hall zou de handdruk in zwang geraakt zijn in het Middeleeuwse Europa van de ridders. [1] Niet iedereen had goede bedoelingen en vaak werden op het laatste moment wapens getrokken die men ergens - achter de hand - verborgen hield. Het elkaar reiken van een open hand was een signaal dat men zonder wapens kwam, een teken van vreedzame bedoelingen. Van daar zou het gebruik uitgedeind zijn naar de gewone man in de Europese straat.

1.2. Geen universeel gebaar

Er zijn evenwel veel plaatsen op aarde waar mensen elkaar om culturele of religieuze redenen niet met een handdruk begroeten. In Indië begroeten Hindoes elkaar met 'namaste' (samengehouden handen + lichte buiging). Zij erkennen en begroeten daarmee het goddelijke in de ander. Daarbij kan er van lichamelijk contact geen sprake zijn; men kan het goddelijke immers niet aanraken. [2]. Hinduism Today stelt:

“Wanneer men terugkeert naar het Westen van een uitgebreid verblijf in Bahrat of elders in Azië kan een plots uitgestoken hand meer bedreigend dan vriendelijk lijken, vooral wanneer het de hand van een onbekende betreft.” (Hinduism Today, [3])

Voor strikt praktiserende Joden is een handdruk tussen mannen en vrouwen niet aan de orde. [4]. Andere Joden zijn minder strikt en staan een puur zakelijke handdruk tussen verschillende seksen toe. [5] In sommige traditionele Christelijke gemeenschappen (bijvoorbeeld in de Amerikaanse Bible Belt staten)wordt het nog altijd als onbetamelijk ervaren dat een man een vrouw een hand geeft. Ook bij hen begroeten enkel mannen elkaar met een handdruk; vrouwen worden begroet met een hoofdknikje. Vermits Jodendom, Christendom en Islam dezelfde God aanbidden ('Allah' is het Arabisch woord voor God, zoals 'Dieu' er het Frans woord voor is), is het niet verwonderlijk dat van oudsher ook in de Islam terughoudendheid bestaat tegenover de handdruk. [6]

1.3. Monotheïstisch perspectief: seksuele connotatie van lichamelijk contact

Historisch gezien, staan monotheïstische religies terughoudend tegenover een handdruk tussen huwbare personen. Dit heeft alles te maken met de visie op seksualiteit, waarbij in het monotheïsme lichamelijke intimiteit beperkt wordt tot het huwelijk. Men gaat daarbij uit van de redenering dat alles wat kan aanzetten tot iets wat verboden is (zoals seks buiten het huwelijk) ook niet kan. Een handdruk wordt als het ware beschouwd als de kat bij de melk zetten en wordt daarom op zijn minst ontraden.

In principe mogen vrouwen andere vrouwen de hand drukken, mogen mannen andere mannen een hand geven en mogen niet-huwbare familieleden elkaar met een handdruk begroeten. Maar voor niet-verwante, huwbare mensen van tegengestelde sekse, ligt de zaak anders. Achterliggende gedachte is dat een handdruk enkel toegestaan is wanneer er op geen enkele manier sprake is van seksueel getint verlangen, genot, erotiek, intimiteit of verleiding daartoe. Jonathan Rosenblum van de Joodse webstek Aish.com schrijft:

"Een verbod op aanraken erkent de natuurlijke lichamelijke aantrekking tussen mannen en vrouwen en dient als een waarschuwing." [7]

Dat dit niets met discriminatie van vrouwen te maken heeft, blijkt uit het feit dat de richtlijnen zowel voor mannen als voor vrouwen gelden:

"Strikt praktiserende Joodse vrouwen raken ook geen mannen aan, dus kent het verbod duidelijk geen "untouchable" status toe aan een van beiden seksen." [8]

Afhankelijk van de striktheid of soepelheid van de geleerden, wordt een puur zakelijke handdruk tussen niet verwanten van tegengestelde sekse waarbij geen sprake kan zijn van erotiek, verlangen of genot ofwel ook verboden (strikte scholen) ofwel toegestaan doch niet aangemoedigd (soepeler scholen). De logica van de soepeler scholen is in de drie religies vrij gelijklopend: het is de intentie die telt. Zo zegt Jezus in het Evangelie volgens Mattheus onder verwijzing naar wat de Profeten voor hem reeds verkondigd hadden:

“Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Pleeg geen overspel.” En ik zeg zelfs: iedereen die naar een vrouw kijkt en haar begeert, heeft in zijn hart al overspel met haar gepleegd” (Mattheus 5:27-28 - Nieuwe Bijbelvertaling)

Als men al niet mag kijken, hoe zou men dan mogen aanraken? Dit Bijbels vers betekent nochtans niet dat men elkaar nooit mag aankijken, maar wel dat men elkaar niet begerig mag aankijken. Met andere woorden: gedrag (ook een handdruk) wordt op achterliggende motivatie getaxeerd. Dat is ook zo in de Islam.

Straks wordt uitvoerig ingegaan op de islamitische benadering van de handdruk. Om dit te kunnen situeren wordt evenwel eerst bekeken wat de islamitische begroetingsetiquette inhoudt.



2. Etiquette van begroeting in de Islam [9,10,11]

2.1. Bescheidenheid en eerbaarheid

De islamitische etiquette erkent dat er van nature een aantrekking bestaat tussen mannen en vrouwen. Vermits seksualiteit in de Islam gereserveerd wordt voor binnen het huwelijk, wil de islamitische etiquette vermijden dat sociale omgangsvormen leiden tot seks buiten het huwelijk. Er wordt dan ook zodanig vorm gegeven aan sociale omgang dat de nadruk komt te liggen op het spiritueel en intellectueel karakter van een ontmoeting. Dit betekent dat elke manier van elkaar begroeten hoe dan ook de seksuele intimiteit en integriteit van de ander moet respecteren. Om dat te bewerkstelligen wordt onder meer bescheidenheid aangemoedigd. Wanneer bijvoorbeeld een man een vrouw kruist op straat of omgekeerd, zal men elkaar begroeten maar niet blijven aanstaren. Men zal integendeel de blik naar beneden afwenden. Dit geldt ongeacht of diegene die men ontmoet een Muslim is of niet.

"Zeg tot de gelovige mannen dat zij hun ogen neerslaan en hun schaamstreek kuis bewaren. Dat is zuiverder voor hen; God is welingelicht over wat zij doen. En zeg tot de gelovige vrouwen dat zij hun ogen neerslaan en hun schaamstreek kuis bewaren ... " (Koran 24:30-31)

Dit heeft niets met preutsheid te maken. In de Islam heeft op seks nooit een taboe gerust - seksualiteit wordt aanzien als een basisbehoefte zoals ook eten en drinken basisbehoeften zijn. De behoefte aan seksualiteit wordt echter gekanaliseerd naar het huwelijk toe en de etiquette van de omgangsvormen is één van de manieren waarop dat gebeurt.

2.2. De godsvrede

Dat men elkaar niet begroet met een handdruk betekent uiteraard niet dat men elkaar niet begroet. Integendeel, begroeten van medemensen wordt aanzien als een belangrijk aspect van het geloof. Centraal in de islamitische omgang staat het elkaar toewensen van godsvrede. Deze wordt steeds in het Arabisch uitgesproken met de woorden 'assalam alaikum' (vrede zij met u) of kortweg 'salam' (vrede), waarop de aangesprokene minstens antwoordt met 'wa-alaikum assalam' (en met u de vrede) of kortweg 'salam' (vrede) of 'wa-alaikum' (en met u).

Het woord salam is afgeleid van de wortel {s-l-m} waarvan ook het woord Islam afgeleid is. Islam betekent overgave aan God. Salam duidt op de innerlijke en maatschappelijke vrede die het gevolg is van het zich overgeven aan God. Salam staat ook voor geborgenheid (bij God) en bijgevolg voor bescherming tegen het kwade. Verder is As-Salam een van de Mooie Namen van God die in de Koran vermeld zijn. Deze Naam betekent 'de Bron van Vrede en Perfectie'. De begroeting verwijst dus ook naar ongeschondenheid, puurheid.

De groet 'assalam alaikum'” betekent bijgevolg veel meer dan elkaar vrede toewensen. Het is in wezen een kort gebed waarbij men Gods naam in herinnering brengt, en God vraagt de andere te zegenen en bescherming, geborgenheid en vrede te schenken. De begroeting verheft elke ontmoeting al meteen tot een spiritueel gebeuren - beide partijen vragen op die manier aan God om de ontmoeting te zegenen. Het maakt een ontmoeting tussen mensen die volgens de Islam allemaal elkaars gelijken zijn, ongeacht huidskleur, nationaliteit, vermogen, job, of welk criterium dan ook, tot iets sacraals. [12] Het herinnert mensen er meteen ook aan dat men zich moet gedragen overeenkomstig Gods richtlijnen - dit wil zeggen dat men geduldig, attent, vriendelijk, rechtvaardig, enz. zal zijn, dat men niet zal roddelen, dat men elkaars integriteit zal respecteren. [13] Het uitwisselen van deze verbintenis is tegelijk een impliciet engagement dat men elkaar zal helpen het rechte pad te bewandelen en dat men geen handelingen zal stellen die verboden zijn of kunnen leiden tot wat verboden is.

Profeet Mohamed zei dat het elkaar toewensen van de godsvrede ertoe zal leiden dat mensen meer van elkaar houden, waardoor men ook God meer zal gedenken. Liefde voor elkaar leidt tot liefde voor God. En elkaar de godsvrede toewensen legt daar een belangrijke basis voor.

"Jullie zullen nooit het Paradijs bereiken tot wanneer jullie gelovigen worden, en jullie zullen nooit gelovigen worden tot wanneer jullie van elkaar houden. Zal ik jullie leiden naar iets dat ervoor zal zorgen dat jullie van elkaar houden? Verspreid groeten van vrede onder elkaar” (Muslim)

Een andere hadith vermeldt:

"Een man vroeg aan de profeet “wat is het beste in Islam?”. De Profeet antwoordde: “Mensen voedsel geven en salam zeggen aan iedereen ongeacht of je hen kent of niet” (Bukhari, Muslim)

Vermeldenswaardig is verder dat Muslims die met elkaar een conflict hebben en elkaar uit de weg gaan, voorgeschreven worden binnen de drie dagen elkaar de godsvrede toe te wensen en zo het conflict te beëindigen.

Aby Ayyoob meldde dat de Profeet van God zei: "Het is een Muslim niet toegestaan zijn broeder meer dan drie dagen te verzaken waarbij elk zich van de andere wegdraait wanneer zij elkaar ontmoeten. De betere onder hen is diegene die eerst salam zegt." (Bukhari)

2.3. Oorsprong

Deze begroeting zou volgens de islamitische tradities terug te voeren zijn tot in het allerprilste begin, tot bij de schepping van Adam.

De Profeet zei: "Toen God Adam geschapen had droeg hij hem op assalam alaikum te gaan zeggen aan een groep Engelen en naar hun antwoord te luisteren. Het is uw groet en die van uw nakomelingen. Adam ging en zei: assalam alaikum en zij zeiden: assalam alaikum wa rahmat Allah" (Bukhari, Muslim)

De Islam gelooft dat God na Adam aan een hele reeks mensen (mannen en vrouwen) Profetische Boodschappen stuurde, om de mensen duidelijk te maken hoe men op het rechte pad kan blijven en na de dood naar het Paradijs kan terugkeren. Deze Profeten (zoals o.a. Mozes, Abraham, David, Noë, Solomon, Jezus en Mohamed) verkondigden in essentie allemaal hetzelfde geloof in dezelfde Ene God. [14]. Zij gebruikten ook diezelfde manier van begroeten. Daarvan wordt overigens ook melding gemaakt in de Evangeliën [15].

"Terwijl ze nog aan het vertellen waren, kwam Jezus zelf in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie'." (Lukas 24:36 - Nieuwe Bijbelvertaling)


2.4 Verplichtingen en wenselijkheden

Er wordt aangeraden elkaar bij elke ontmoeting deze godsvrede toe te wensen:

Er is gemeld dat Mohamed zei: "Wanneer een van u uw broeder ontmoet, moet hij 'salam' (vrede) tegen hem zeggen. En als een boom of een muur of een rots tussen hen komt en ze ontmoeten elkaar opnieuw, moet hij (opnieuw) 'salam' tegen hem zeggen." (Abu Dawud)

Hoewel het sterk aanbevolen wordt, is de begroeting met de godsvrede evenwel niet formeel verplicht. Wanneer men begroet wordt, is men echter wel verplicht de begroeting te beantwoorden. Ook bij het afscheid nemen wordt deze begroeting aangeraden, hoewel ook dit geen verplichting is:

De Profeet zei: "Wanneer een van jullie bij een groep komt moet hij de aanwezigen groeten, en wanneer hij opstapt moet hij hen groeten want de eerste begroeting is niet beter dan de laatste. " (Abu Dawud, At-Tirmith)

Op die manier, is God aanwezig bij de ontmoeting, en wenst men elkaar Gods vrede en bescherming door God toe onderweg tot bij de volgende ontmoeting in Gods geborgenheid.

2.5. Volgorde van begroeting

Etiquette probeert onduidelijkheid op te heffen - wanneer iedereen weet wat van hem verwacht wordt in praktische zaken wordt de sociale omgang eenvoudiger, zijn er minder kansen op misverstand en conflict. Dat is ook het geval bij begroetingen, waarvoor de etiquette verduidelijkt wie wie zal groeten.

De Profeet van God zei: "een ruiter moet een voetganger groeten, een voetganger moet diegene die neerzit groeten, een kleine groep moet een grote groep (mensen) groeten en de jongere moet de oudere groeten." (Bukhari, Muslim)

Het is met andere woorden de omstandigheid en niet de rang, titel of job die bepaalt wie eerst groet - de Islam kent immers geen sociale hiërarchie: alle mensen zijn gelijk voor God ongeacht huidskleur of inkomen, bezit, enz. Ze verschillen enkel in godvrucht en goede daden maar daarover kan enkel God oordelen zodat mensen elkaar als gelijken moeten beschouwen.

"Waarlijk, mensen van het begin der tijden van Adam tot op vandaag zijn allemaal gelijk als de tanden van een kam, en er is geen superioriteit van een Arabier over een niet-Arabier of van de mensen met rode huidskleur over die met blanke huidskleur, behalve in godvrucht en goede daden." (Bukhari, Mustadrak-ul-Wasa'il )

De volgorde van begroeting is dus als volgt:

    - diegene die aankomt moet de aanwezigen begroeten,
    - diegene die rijdt zal de wandelaar begroeten,
    - diegene die wandelt moet hij die zit begroeten,
    - de kleinere groep zal de grotere groep groeten,
    - en de jongere de oudere zal groeten.

Bij gelijke omstandigheden, wanneer men bijvoorbeeld beiden wandelt, zal men niet passief afwachten. Diegene die eerst groet zal de grootste beloning krijgen.

Abu Umamah Sudaiy bin `Ajlan Al-Bahili meldde dat de Boodschap van God zei: "De persoon dichtst bij God is diegene die eerst groeten aanbiedt." (Abu Dawud)

2.6. Antwoorden met iets dat beter is

Een van de algemene gedragsregels in de Koran is dat men gedrag moet beantwoorden met gedrag dat beter is:

"Een goede daad en een slechte daad zijn niet gelijk. Beantwoord het slechte met iets dat beter is. Op die manier zal uw vijand uw vriend worden. Maar het wordt slechts aan hen die geduldig volharden aangeboden." (Koran 41:34)

Dit voorschrift geldt ook voor begroetingen:

"En wanneer men jullie met een groet begroet, groet dan op een betere manier terug of beantwoordt de groet. God rekent over alles af." (Koran 4:86)

De formules die daarbij gehanteerd worden zijn de volgende:

  • Groet: assalam alaikum (vrede met u)
    Antwoord: Wa alaikum assalam wa rahmat Allah (en met u weze vrede en genade van God)
  • Groet: assalam alaikum wa rahmat Allah
    Antwoord: wa-alaikum assalam wa rahmat Allah wa barakatu (en met uw weze de vrede, genade en zegeningen van God)

Volgens Profeet Mohamed zal men voor elke bijkomende begroeting extra beloning krijgen in het hiernamaals.

Abu Hurayrah meldde dat een man de Profeet passeerde die met een paar anderen samen zat, en zei: 'assalam alaikum' (vrede met u). De Profeet zei: ' 10 hasanaat (beloningen) [zal hij krijgen]. Een andere man kwam hen voorbij en zei 'assalam alaikum wa rahmat Allah' (vrede en genade van God met u). De Profeet zei: [Hij zal] 20 hasanaat [krijgen]. Een andere man kwam langs en zei: 'salam alaikum wa rahmat Allahi wa barakatuhu' (vrede en genade en zegeningen van God). De Profeet zei: [hij zal] 30 hasanaat [krijgen]. (al-Nisaa'i, Bukhari, Mufrad, Ibn Hibban)

2.7. Begroeten van niet-Muslims

Er bestaat meningsverschil onder geleerden of Muslims mensen van het Boek (Joden en Christenen) moeten/mogen begroeten met 'assalam alaikum' dan wel of ze daar een andere niet-religieuze formule moeten voor gebruiken zoals bijvoorbeeld 'goede morgen', maar ongeacht de formule, wordt men wel voorgeschreven de andere vriendelijk te begroeten. Wanneer een niet-Muslim zelf groet met 'assalam alaikum', moet een Muslim die begroeting beantwoorden:

"Anas meldde dat de gezellen van Gods Apostel tegen hem zeiden: De mensen van het Boek groeten ons (met assalam alaikum). Hoe moeten wij daar op antwoorden? Daarop antwoordde hij: zeg “wa-alaikum (en met jullie ook)" (Muslim)

Dit advies geldt bij uitbreiding voor vredeswensen door alle niet-Muslims, niet enkel voor mensen van het Boek. Onder verwijzing naar het eerder geciteerde vers 4:86, zei ibn Abbas:

"Wie ook assalam alaikum tegen jou zegt, je moet de begroeting beantwoorden zelfs al was hij een Majos (aanbidder van het vuur)."




3. De handdruk in de islamitische leer

3.1. Lichamelijk contact in sociale context

In de Islam, kaderen de richtlijnen inzake een handdruk binnen de bepalingen die sociale interacties reguleren. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen huwbare en niet huwbare mensen. De term die hiervoor gebruikt wordt is Mahram (meervoud: Maharim). De betekenis ervan is grotendeels gebaseerd op volgende Koranische verzen:

"En trouwt niet met vrouwen met wie jullie vaders getrouwd geweest zijn, behalve als het al gebeurd is. Dat is iets gruwelijks en afstotelijks en een slechte manier van doen. Verboden [om mee te trouwen] zijn voor jullie je moeders, dochters, zusters, tantes van vaders- en moederskant, dochters van broers en zusters, zoogmoeders en zoogzusters, de moeders van jullie vrouwen en jullie stiefdochters die onder jullie hoede staan en die geboren zijn uit jullie vrouwen met wie jullie daadwerkelijk gemeenschap hebben gehad - als jullie nog geen gemeenschap met haar hadden gehad, dan is het voor jullie geen vergrijp - en de echtgenotes van jullie lijflijke zonen en dat jullie twee zusters samen als vrouw hebben, behalve als het al gebeurd is. God is barmhartig en vergevend." (Koran 4:22-23)

De term slaat dus op al diegenen die men niet kan huwen en heeft betrekking op:

  • Iedereen van beide seksen die de puberteit nog niet bereikt heeft;
  • de echtgeno(o)t(e);
  • diegenen van de tegengestelde sekse met wie men een bloedverwantschap heeft (voor een vrouw zijn dat haar vader, grootvader, broer, oom, neef enz.; voor een man zijn dat zijn moeder, grootmoeder, zus, tante, nichtje enz.);
  • diegenen van de tegengestelde sekse met wie men een aangetrouwde verwantschap heeft (voor een vrouw zijn dat haar schoonvader, schoonzoon, stiefvader, stiefzoon; voor een man zijn dat zijn schoonmoeder, schoondochter, stiefmoeder, stiefdochter);
  • diegenen van de tegengestelde sekse met wie men eenzelfde zoogmoeder gedeeld heeft (mits aan een aantal specifieke bepalingen voldaan is).

In een aantal gevallen worden ook leden van hetzelfde geslacht tot de Maharim gerekend.

Contacten met leden van de Mahram groep zijn in de regel niet seksueel geïnspireerd en zijn daarom losser geregeld. Deze mensen kunnen elkaar bijvoorbeeld begroeten met een handdruk. Anders is het gesteld met contacten tussen huwbare mensen van de andere sekse vermits hier mogelijks wel seksuele connotaties kunnen ontstaan terwijl de Koran seks buiten het huwelijk verbiedt. Hier, doet de intentie van het gedrag haar intrede. Op Oordeelsdag zal immers rekening gehouden worden met de intenties die het gedrag stuurden.

'Umar ibn al-Khattab meldde dat Gods Boodschapper zei: "De beloning voor handelingen hangt af van de intenties en elke persoon zal beloond worden volgens wat zijn intenties waren." (Bukhari, Muslim)

Onder geleerden van diverse scholen bestaat ruime eensgezindheid dat als er ook maar enige mogelijk bestaat dat de handdruk een vorm van seksuele connotatie beoogt – genot, verlangen, erotiek, of verleiding daartoe - de handdruk verboden is vanuit de gedachte dat alles wat leidt tot iets wat verboden is, zelf verboden is. Gaat het om een puur zakelijke handdruk en is er geen intentie van erotiek, seksualiteit, intimiteit - met andere woorden, bestaat er geen intentie van schending van de intieme privacy en seksuele integriteit van zichzelf en/of de ander – dan kan geargumenteerd worden dat de handdruk toegelaten kan worden. Er bestaat immers geen enkele hadith (uitspraak van Profeet Mohamed) die stelt dat een handdruk verboden is als er geen risico is op genot of verlangen. De meeste geleerden zullen ook in die omstandigheden een handdruk niet aanraden maar staan het wel toe. De strikte groepen, verbieden echter ook deze 'zakelijke' handdruk. Zij baseren zich daarvoor onder meer op volgende hadith:

“Het zou voor iemand onder jullie beter zijn zichzelf met een ijzeren naald in het hoofd gestoken te hebben dan een vrouw aan te raken die voor hem onwettig is. " (Saheeh al-Jaami’ )

Er bestaat evenwel geen eensgezindheid over de authenticiteit van deze hadith. De hadith werd gemeld door Al-Tabari en Al-Baihaqi op gezag van Ma'qil ibn Yassar en hoewel zij als betrouwbaar kunnen beschouwd worden is er een kans dat de keten hier onderbroken werd en dat de hadith dus niet authentiek is. [16]

Bovendien draait alles rond de betekenis van “aanraken”. Het Arabisch woord dat hier gebruikt wordt is “al-mass”. In de context van de Koran en Sunnah wordt dit woord gebruikt om te verwijzen naar ofwel seksuele betrekkingen ofwel naar handelingen die de seksuele betrekkingen voorafgaan (kussen, strelen, knuffelen, liefkozen enz). [17]. Dit betekent dat zelfs wanneer men hogergenoemde hadith als authentiek zou beschouwen, de hadith geen expliciet verbod invoert op niet-seksuele aanrakingen. Gewoon aanraken zonder genot of verlangen, wordt noch in de Koran, noch in de Sunnah van Mohamed, expliciet verboden wat nog niet wil zeggen dat het aangeraden wordt.

Er wordt ook wel eens verwezen naar de historische islamitische procedure voor het aanstellen van een leider. Daarbij wordt in een eerste fase door de bevolking een raad der wijzen verkozen. Deze wijzen dragen kandidaten voor en beraadslagen onderling tot zij het eens worden over wie volgens hen de beste leider zou worden. Zij dragen deze persoon voor als kandidaat leider en schenken hem hun eed van trouw. Deze kandidaat leider moet nu, in een tweede fase, terug naar de basis, en moet door een meerderheid van de bevolking aanvaard worden. Pas dan, is hij officieel leider. Deze tweede fase - de rechtstreekse aanvaarding, of zo men wil 'verkiezing' van de leider door de bevolking - voltrok zich ten tijde van Profeet Mohamed bij mannen door middel van een handdruk. Vrouwen mochten deelnemen aan de leiderschapsverkiezing, doch bij hen aanvaardde de Profeet hun eed van trouw naar verluid gewoon in woorden en zonder handdruk.

A'ishah zei: "Bij God, de Boodschapper van God nam enkel op de door God voorgeschreven manier de eed van trouw af van vrouwen, en de hand van de Boodschapper van God raakte nooit de hand aan van een vrouw. Wanneer hij hun eed van trouw in ontvangst genomen had placht hij te zeggen, 'Ik heb uw eed van trouw verbaal aanvaard.' (Bukhari)

Sommigen menen hierop een algemeen verbod van een handdruk tussen mannen en vrouwen te kunnen baseren. Het is echter niet omdat de Profeet iets niet deed, dat daar een verbod mee gemoeid is. Hij kan het ook gelaten hebben omdat het een onwenselijk gedrag was. Er is bovendien geen eensgezindheid over deze procedure. Er zijn immers andere ahadith die ruimte scheppen voor interpretatie. Bijvoorbeeld:

"Umm Atiyya zei: "Wij gaven onze eed van trouw aan de Boodschapper van God, en hij verklaarde dat wij niets of niemand met God mochten associëren, en verbood ons te weeklagen voor de doden. Een vrouw onder ons, trok haar hand terug..." (Bukhari)

Waarom trok deze vrouw haar hand terug? Omdat ze van plan geweest was haar eed af te leggen (met een handdruk) maar van gedacht veranderd was en zijn leiderschap toch maar niet wou erkennen? Of omdat ze zich realiseerde dat de Profeet haar handdruk niet zou aannemen? En hoe zat het met de andere aanwezige dames? Impliceert de hadith niet dat zij hun hand niet terugtrokken, met andere woorden, dat zij de eed juist wel aflegden door een handdruk?

Wegens deze onduidelijkheden kan men de verkiezingsprocedure evenmin inroepen als onbetwistbare basis ter fundering van een algemeen verbod op een handdruk.

Trouwens, zelfs als men zou uitgaan van een volledig verbod, dan is er ook nog een regel die stelt dat de nood het verbod versoepelt. Deze regel vindt men onder meer terug in de Koranische voorschriften inzake voeding. Muslims mogen een aantal voedingsmiddelen niet eten, maar wanneer zij dreigen te verhongeren en niet de intentie hebben te zondigen, mogen zij verboden voedsel eten om in leven te blijven.

"Verboden is voor jullie wat vanzelf is doodgedaan, bloed, varkenvlees, ... (...). Maar als iemand door honger gedwongen wordt zonder tot zonde geneigd te zijn, dan is God vergevend en barmhartig." (Koran 5:3)

Dit toont aan dat de Islam een zekere rekkelijkheid inbouwt en regels niet 'mordicus' oplegt. Het is dan natuurlijk de vraag wat een 'noodzaak' uitmaakt die toestaat dat de regels versoepeld worden. Als men bijvoorbeeld een job dreigt mis te lopen wanneer men zou weigeren een vrouwelijke personeelsverantwoordelijke een handdruk te geven, zou een noodzaak kunnen ingeroepen worden die de regel versoepelt en die een handdruk toch toestaat. [18]

Zoals gezegd kan men echter geen dwingende zaak maken voor een algeheel verbod op een puur zakelijke handdruk. Men kan wel argumenteren dat Muslims (mannen en vrouwen) hoe dan ook – ook in neutrale, zakelijke omstandigheden - aangeraden worden niet als eerste een hand van een niet-Mahram 'aan te raken' maar een verbale vorm van begroeting te initiëren. Een uitgestrekte zakelijke hand zonder meer weigeren en daarmee de begroeting ruwweg afslaan is evenwel niet aan de orde vermits Muslims ook gebonden zijn aan de regels van vriendelijkheid en minzaamheid tegenover anderen. [19]. Als devote Muslims het er moeilijk mee hebben om ook in puur zakelijke omstandigheden een handdruk te beantwoorden, omdat zij verkiezen ook inzake niet-verplichte materie het voorbeeld van Profeet Mohamed te volgen, wordt hen vanuit de islamitische richtlijnen inzake omgangsvormen voorgeschreven op zijn minst het vriendschappelijk bedoelde gebaar met een in het eigen model minstens even goed gebaar te beantwoorden:

"En wanneer men jullie met een groet begroet, groet dan op een betere manier terug of beantwoordt de groet. God rekent over alles af." (Koran 4:86)



3.2. Geen discriminatie of neerbuigendheid

Het niet uitwisselen van een handdruk tussen niet-verwanten heeft duidelijk helemaal niets met neerbuigendheid te maken. Vermits een handdruk zo sterk samenhangt met de kijk op seksualiteit en respect op integriteit van de ander, is het niet geven van een handdruk voor Muslims eigenlijk tegelijk een uiting van devotie aan God en een uiting van respect voor de integriteit en privacy van zichzelf en van de andere. Het is vanuit die optiek dat men zich terughoudend opstelt. Het lichaam behoort in de Islam tot de privé-sfeer, en een aanraking kan ervaren worden als een inbreuk daarop.

Het niet geven van een handdruk heeft evenmin te maken een vermeende minderwaardigheid of discriminatie van de vrouw in de Islam, vermits de terughoudendheid in beide richtingen geldt. Hoewel sommige interpretaties dat wel zijn, is de Koran trouwens niet vrouwonvriendelijk te noemen. In “Staan mannen boven vrouwen” wordt een uitgebreide analyse gemaakt van de vrouw in de Islam, en daaruit blijkt dat de Koran een sterk emanciperende werking kan hebben want vertrekt vanuit een krachtig verankerd centraal gelijkheidsbeginsel tussen mannen en vrouwen – dat weliswaar in praktijk niet steeds toegepast wordt, maar ook in het Westen is er een verschil tussen wet en praktijk. [20]



4. Besluit

Tot de islamitische etiquette behoort een begroeting waarbij men elkaar vrede van en geborgenheid in God toewenst - het tilt elke ontmoeting meteen op een hoger niveau. Niet alleen krijgt een ontmoeting op die manier een spirituele dimensie, maar ook herinnert de begroeting aan de ethisch-religieuze regels die er moeten voor zorgen dat elk sociaal contact minzaam, vriendelijk, respectvol, rechtvaardig e.d.m. verloopt.

Of men al dan niet de hand drukt van een niet-Mahram hangt af van de interpretatie van de Islam die men volgt. Voor sommigen stelt het geen probleem - zij gaan er van uit dat al wat niet strikt verboden is toegelaten kan worden zelfs al is het niet noodzakelijk wenselijk, voor anderen die het voorbeeld van de profeet ook voor niet verplichte zaken willen volgen, is een handdruk niet aan de orde.

In het Westen wordt de islamitische terughoudendheid inzake een handdruk tussen een man en vrouw, vaak geassocieerd met een vermeende discriminatie van de vrouw in de Islam. Dit is duidelijk geheel ten onrechte. De terughoudendheid geldt in beide richtingen en heeft niets met discriminatie te maken. De Koran hanteert overigens een sterk verankerd centraal gelijkheidsbeginsel van mannen en vrouwen, en staat discriminatie van vrouwen niet toe. De terughoudendheid wordt integendeel ingegeven door een respect voor elkaars integriteit vanuit een algemene kijk op seksualiteit die gereserveerd is voor binnen het huwelijk. Het niet uitwisselen van een handdruk bij een begroeting, is bovendien niet iets typisch islamitisch. In diverse religies en culturen is een handdruk ongebruikelijk, zelfs onbeleefd en wordt deze aanraking als een inbreuk op de intimiteit ervaren. Het is niet omdat iets niet Westers is, dat het minderwaardig of discriminerend is. Het is gewoon anders.

Een handdruk aan iemand opdringen kan even beledigend overkomen als een handdruk weigeren. In beide gevallen speelt de intentie mee. Wil men misschien iemand bruskeren of shockeren? Als het echt de bedoeling is elkaar met vrede te begroeten, zal men de zaak elegant kunnen oplossen temeer omdat uit de islamitische voorschriften overduidelijk blijkt dat de begroeting (ook van niet-Muslims) een belangrijke plaats inneemt in het sociaal gebeuren en zelfs uitdrukkelijk gekoppeld wordt aan liefde onder de mensen en geborgenheid bij God. Anderzijds blijkt dat wanneer een handdruk werkelijk bedoeld is in zijn historisch culturele betekenis, hij niet alleen een begroeting, maar ook een vredeswens uitdrukt. In dit gegeven, kunnen beide begroetingsculturen elkaar ontmoeten.

_______________________________



Noten en literatuur

  1. "The Handshake as Interaction", Hall, Peter M. and Dee Ann Hall, SEMIOTICA v.45. Mouton Publishers: Amsterdam, 1983. pp. 249-264. Geciteerd in : "The Handshake", The Nonverbal Communication Web Project, http://soc302.tripod.com/soc_302rocks/id8.html

  2. "The word Namaskar", Hinduism Today,  klik hier!

  3. Zie 2.

  4. "What can possibly be wrong with shaking hands with members of the opposite sex?", Askmoses.com, http://www.askmoses.com/qa_detail.html?h=237&o=81309

  5. "Shaking hands", Yehonatan and Randy Chipman, Mail.Jewish Mailing List, Volume 37 Number 82, 4 December 2002 http://www.ottmall.com/mj_ht_arch/v37/mj_v37i82.html#CAAU

  6. "Onze God en jullie God is één", op deze site

  7. "Shaking hands with the opposite gender", Jonathan Rosenblum, Aish.com, http://www.aish.com/societyWork/society/Shaking_Hands_with_the_Opposite_Gender.asp

  8. zie 7

  9. "The Islamic Greeting and it’s Etiquette", Friday speech delivered by Imam Mohamed Baianonie at the Islamic Center of Raleigh, NC on February 22, 1988, http://www.islam1.org/khutub/Islamic_Greeting.htm

  10. "Salam - The Islamic greeting", Adil Salahi, klik hier!

  11. "What are the manners of meeting and talking in Islam?" , Daud Matthews, Q&A Islamonline.net klik hier!

  12. "Racisme, een grendel op de hemelpoort", op deze site

  13. "De Ideale Muslim", in "Koranische Psychologie", op deze site

  14. "Onze God en jullie God is één", op deze site

  15. "Islam teaches peace",Shahul Hameed, Q&A Islamonline.net, klik hier!

  16. "Shaking hands with a woman, an Islamic perspective", Fatwabank IslamOnline.net, klik hier!

  17. Zie 16

  18. "Shaking Hands Again, Shaykh Abdurrahman Ibn Yusuf, Q&A SunniPath.com, klik hier!

  19. "Omgaan met niet-Muslims", op deze site

  20. "Staan mannen boven vrouwen?" op deze site.
© Linda Bogaert, 2005.
PS
De (Nederlandstalige) Korancitaten in alle bijdragen van deze reeks zijn afkomstig uit: "De Koran. Een weergave van de betekenis van de Arabische tekst in het Nederlands", door Fred Leemhuis, isbn 90 269 40785, uitgeverij: Unieboek in Houten, 1989 (regelmatig herdrukt) - met dien verstande dat Arabische namen (vb Ibrahim) omwille van de herkenbaarheid vervangen werden door de Nederlandse naam (vb Abraham).

Contact: < L.Bogaert@telenet.be

• bogaert-index • cie-index • Islamitische Kwesties •

Webmaster            Update: 1/4/2013