KORAN-NOTITIES

door

Linda Bogaert

• bogaert-index • cie-index • Islamitische Kwesties •

Onthoofding van gijzelaars: een 'religieuze plicht'?

    .. Inleiding
    1. Relevante fundamentele rechten
      1.1. Recht op leven
      1.2. Recht op veiligheid van leven en bezit
      1.3. Recht op vrijheid
      1.4. Recht op bescherming tegen arbitraire opsluiting (vrijheidsberoving)
    2. Gewettigde uitzonderingen op recht op leven
      2.1. Wettelijke zelfverdediging
      2.2. Door overheid uitgevoerde doodstraf
        2.2.1. Doodstraf in de wereld
        2.2.2. Doodstraf in de islam en de muslimwereld
          2.2.2.1. Invoeren van shari'ah niet verplicht
          2.2.2.2. De Koran over de doodstraf
          2.2.2.3. Ontradende factoren
          2.2.2.4. Methode niet gespecificeerd
          2.2.2.5. Enkel Saudi-ArabiŽ voltrekt doodstraf nog door onthoofding
          2.2.2.6. Doodstraf ter discussie in de islam
      2.3 Doden van vijandige soldaten tijdens aan de gang zijnde oorlog
        2.3.1. Oorlogsethiek
        2.3.2. Krijgsleer aangaande confrontaties op het slagveld
        2.3.3. "Gewelddadige" verzen in de Bijbel
    3. Ongewettigde en dus misdadige vrijheids- en levensberoving: nemen en doden van gijzelaars
      3.1. Onthoofding "in naam van de Islam"
        3.1.1. Nemen en doden van gijzelaars inbreuk op de wet
        3.1.2. Perverse logica van de gijzelnemers
        3.1.3. Scherpe veroordeling door muslims
      3.2. Onthoofding door niet-muslim misdadigers
        3.2.1. Onthoofdingen door de Colombiaanse terreurorganisatie FARC
        3.2.2. Onthoofdingen in kader van Afrikaanse hekserij
        3.2.3. Onthoofdingen door illegale Keniaanse politiek-religieuze Mungiki-sekte
        3.2.4. Onthoofdingen door Mexicaanse drugsbendes
    4. Besluit
    .. Voetnoten



INLEIDING

Op internet circuleren gruwelijke beelden van onthoofdingen van Westerse gijzelaars in muslimlanden. In Irak werden onder meer de Amerikanen Nicholas Berg en Paul M. Johnson jr. door hun gijzelnemers onthoofd, in Pakistan werd Daniel Pearl, journalist van de Wall Street Journal, daarvan het slachtoffer. Dergelijke schokkende en gruwelijke misdaden leveren volgens sommigen het bewijs dat de islam een bloeddorstige, wrede religie is die niet alleen geheel onverzoenbaar is met het Westen, maar er ook een bedreiging voor vormt. Muslims wijzen er evenwel op dat deze onthoofdingen helemaal niet islamitisch zijn, maar integendeel ook door de islam gekwalificeerd en bestraft worden als gruwelijke moord.

Worden deze onthoofdingen door de Koran voorgeschreven, zoals sommigen stellen? Of is deze handelswijze in tegenspraak met de islam die dergelijke daden als moord bestempelt, zoals muslims stellen? Om een antwoord te vinden op deze vraag wordt vooreerst verkend hoe de Koran staat ten aanzien van een aantal fundamentele mensenrechten zoals het recht op leven en het recht op bescherming tegen arbitraire vrijheidsberoving. Vervolgens wordt stilgestaan bij de gewettigde uitzonderingen op het recht op leven en bescherming van dit recht, om daarna het gijzelen en onthoofden van burgers onder de loep te nemen. Er wordt ook nagegaan of onthoofden van gijzelaars iets is dat exclusief in muslimlanden voorkomt, dan wel of ook niet-muslims gijzelnemers in andere delen van de wereld overgaan tot dergelijke gruweldaden.




1. RELEVANTE FUNDAMENTELE MENSENRECHTEN

De Koran vestigt een hele reeks fundamentele mensenrechten die nauw aansluiten bij de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties. In de context van een analyse van de manier waarop islam zich verhoudt ten aanzien van gijzelen en onthoofden van gijzelaars zijn een aantal rechten relevant die hierna summier aangehaald worden. Meer gegevens zijn voorhanden in de Koran Notitie over Mensenrechten. [1]

1.1. Recht op leven

In verschillende verzen wordt een fundamenteel recht op leven gevestigd. Zo is er onder meer:

"... dat jullie niemand mogen doden - wat God verboden heeft - behalve volgens het recht..." (Koran 6:151)

Dit vers houdt een recht op leven in, behalve in een aantal gevallen waarin levensberoving door de wet gedekt wordt. Het gaat daarbij met name, net zoals in het Westers recht in het gewone burgerlijke leven, om gevallen van wettelijke zelfverdediging tegen een levensbedreigende aanval op het eigen leven, alsook in de krijgsleer om soldaten op het slagveld die elkaar, gedekt door het krijgsrecht, mogen doden hoewel dat geen vrijgeleide is voor het begaan van misdaden in oorlogstijd. Zoals ook in sommige Westerse landen komt daar in de islam desgevallend ook nog de door de overheid voltrokken doodstraf bij na een rechtsgang. Al de rest is doodslag of moord. Op deze uitzonderingen zal in het volgende deel in detail ingegaan worden.

De Koran vestigt dit recht op leven voor iedereen, ongeacht geloof, afkomst, ras, geslacht, leeftijd, bezit of welk criterium dan ook. Zo stelt de Koran dat wie opzettelijk een gelovige doodt, naar de hel zal gaan.

«En wie een gelovige opzettelijk doodt, zijn vergelding is in de hel, waarin hij altijd blijft. God is vertoornd op hem en vervloekt hem en maakt een geweldige bestraffing voor hem klaar. » (Koran 4:93)

Maar ook van niet-muslims is het leven onschendbaar. Zo stelde profeet Mohamed over dhimmi's (de niet-muslimburgers in de toenmalige 'islamitische' samenleving):

ęIemand die een dhimmi doodt, zal zelfs niet de geur van het Paradijs ruiken.Ľ (gemeld door At-Tabarani in Al-Awsat)

De Koran vestigt het principe van recht op leven ten andere niet alleen voor mensen maar ook voor dieren. Al wie onrechtmatig een dier doodt begaat evenzeer een doodzonde. [2]

1.2. Recht op veiligheid van leven en bezit

Koran en Sunnah beschouwen leven en bezit als een fundamenteel recht. Men heeft dan ook het recht op bescherming van beide. In zijn afscheidsrede zei Profeet Mohamed:

«Jullie levens en bezittingen zijn voor elkaar verboden tot jullie bij de Heer komen op de Dag van de Wederopstanding.»

Zoals alle andere mensenrechten, kent de Koran ook dit fundamenteel recht toe aan iedereen, ongeacht geloof, ras, afkomst enz. Zo verbiedt profeet Mohamed muslims nadrukkelijk op enigerlei wijze schade toe te brengen aan leven of bezit van joden en christenen.

«Op de Dag van het Oordeel zal ik twist leveren met iedereen die een persoon van onder de Mensen van het Convenant onderdrukt, zijn rechten breekt, die hem verantwoordelijkheden geeft die zijn krachten te boven gaan, of die hen iets ontneemt tegen hun wil.» (Gemeld door Abu Dawood).

1.3. Recht op persoonlijke vrijheid

Via een stelsel van gefaseerde en interagerende maatregelen schaften Koran en Sunnah slavernij af en werd in de plaats het recht op persoonlijke vrijheid ingevoerd. [3]

«Er zijn drie mensen tegenover wie ik zelf aanklager zal zijn op Oordeelsdag. Eťn van deze drie, is hij die van een vrije man een slaaf maakt, hem dan verkoopt en dit geld opeet.» (Bukhari, Ibn Majjah)

Enkel de overheid kan, binnen het recht, eventueel overgaan tot vrijheidsberoving voor misdadigers.
 

1.4. Recht op bescherming tegen arbitraire opsluiting (vrijheidsberoving)

Het recht op persoonlijke vrijheid wordt ondersteund door het recht op bescherming tegen arbitraire opsluiting. De Koran stelt dat wie een zonde begaat, daar zŤlf de gevolgen voor moet dragen, niet iemand anders.

«En wie een zonde begaat, begaat die slechts ten koste van zichzelf. God is wetend en wijs."» (Koran 4:111)

De Koran stelt verder:

«Niemand is belast met de last van een ander en als iemand die zwaar beladen is oproept om [mee] te dragen, dan zal toch niets van hem gedragen worden ook al betreft het een verwant. ...» (Koran 35:18)

Dit vers maakt duidelijk dat niemand veroordeeld of gevangen gezet kan worden voor de misdaden van een ander. Dit betekent ook dat niemand van zijn vrijheid beroofd kan worden omwille van de daden van een ander.

 



2. GEWETTIGDE UITZONDERINGEN OP HET RECHT OP LEVEN

2.1. Wettelijke zelfverdediging

Net zoals in de Westerse wetgeving, erkent de islam het recht op wettelijke zelfverdediging. Als gevolg van het heilig beschouwen van zowel leven als bezit, geldt in de islam het recht op zelfverdediging zowel voor het zich verweren tegen een levensbedreigende aanval op het eigen leven, als voor het verweren van een poging tot beroving van het bezit.

«Abu Hurayah meldde: Een man kwam bij de Boodschapper van God en vroeg: "O Boodschapper van God! Wat zal ik doen als iemand naar mij toekomt met de bedoeling mijn bezit weg te nemen?" Hij antwoordde, "Geef het hem niet." De man vroeg, "Wat zal ik doen als hij mij bevecht?" De Boodschapper van God zei: "Verweer je dan". "Wat zal mijn plaats zijn in het Hiernamaals als hij mij gedood heeft?" De Boodschapper van God antwoordde, "In dat geval ben je een martelaar." De man vroeg: "Wat als ik hem doodde?" De Boodschapper van God antwoordde, "Hij zal in het hellevuur zijn."» (Muslim)

Iemand die bij het zich verdedigen tegen een aanval op leven en bezit het leven laat, kan dus, voor zover hij een rechtschapen leven geleid heeft en aan een reeks andere bepalingen voldaan is, beschouwd worden als martelaar omdat hij het leven laat tijdens een strijd voor rechtvaardigheid en een verweer tegen onrecht. [4]


2.2. Door overheid uitgevoerde doodstraf

2.2.1. Doodstraf in de wereld

Een tweede uitzondering op het recht op (bescherming van het) leven wordt, zowel in de islam als in tal van andere landen, gemaakt voor een door de overheid voltrokken doodstraf. Wereldwijd wordt de doodstraf nog steeds toegepast in een aanzienlijk aantal landen. Dit wil zeggen dat voor een aantal misdrijven misdadigers die door een rechter schuldig bevonden werden, van staatswege ter dood gebracht worden. Het gaat hier dus om een straf die door de overheid uitgevoerd wordt, na een rechtsgang. De manier waarop die doodstraf voltrokken wordt varieert van land tot land. †

In 2006 werden de meeste executies uitgevoerd in China (minstens 1.010 hoewel sommige bronnen suggereren dat het werkelijke aantal rond de 8.000 ligt), gevolgd door Iran (177), Pakistan (82), Irak (minstens 65), Soedan (minstens 65) en de Verenigde Staten van Amerika (53). [5]

Interessant om weten is dat de doodstraf niet in alle†landen waar islam de grootste religie is†toegestaan is. Met name in AlbaniŽ, Azerbeidzjan, de Ivoorkust, Djibouti, Senegal, Turkije en Turkmenistan is de doodstraf wettelijk afgeschaft. In Algerije, Brunei, Gambia, Mali, Marokko, Niger en TunesiŽ is de doodstraf de facto afgeschaft. [6] Het is dus niet zo dat de doodstraf in alle muslimlanden geldt. †

Wanneer men de landen waar de doodstraf nog steeds toegestaan is, indeelt op grond van de grootste religie in deze landen komt men tot volgend beeld: [7,8

  • landen waar†de islam de grootste religie is en waar de doodstraf toegestaan is :
    Afghanistan, Bahrein, Bangladesh, Tsjaad, Comoren, Egypte, Guinea, IndonesiŽ, Iran, Irak, JordaniŽ, Koeweit, KirgiziŽ, MaleisiŽ, Nigeria, Oman, Pakistan, Palestina, Katar, Libanon, LibiŽ, Saudi-ArabiŽ, SiŽrra Leona, SomaliŽ, Soedan, SyriŽ, Tadzjikistan, Verenigde Arabische Emiraten, Oezbekistan, Jemen.

  • landen waar het christendom†de grootste religie is en waar de doodstraf toegestaan is :
    Antigua en Barbuda, Bahamas, Barbados, Belarus, Belize, Botswana, Burundi, Kongo (DR), Dominica, Equatoriaal Guinea, EthiopiŽ, Gabon, Ghana, Guyana, Guatemala, Jamaica, Lesotho,† Malawi, St. Kitts en Nevis, St. Lucia , St. Vincent en de Grenadines, Trinidad en Tobago, Oeganda, Verenigde Staten van Amerika, Zambia.

  • landen waar het hindoeÔsme de grootste religie is en waar de doodstraf toegestaan is :
    India.
  • landen waarin atheÔsme of 'geen godsdienst' de grootste groep uitmaakt en waar de doodstraf toegestaan is :
    China (officieel atheÔstisch), Vietnam (80,8% geen), Zuid-Korea (49,3% geen), Taiwan.

  • landen waar het boeddhisme de grootste religie is en waar de doodstraf toegestaan is :
    Japan , Laos , MongoliŽ, Thailand, Singapore;

  • andere landen waar de doodstraf toegestaan is :
    Cuba (85% katholiek voor de overname door Castro), Noord-Korea (traditioneel boeddhistisch en confucianistisch, autonome religieuze activiteiten momenteel bijna niet bestaand), Swaziland (40% een mengeling van christendom en inheemse ancestrale verheerlijking), Tanzania (35% muslims, 30 christenen), Zimbabwe (50% syncretisch - mengeling van christendom en inheems geloof), Kameroen (40% inheems, 40% christenen), Eritrea (islam, christendom, geen cijfers).
Uit dit overzicht blijkt dat de doodstraf niet enkel toegestaan is in een aantal (hoewel niet alle) landen waar islam de grootste religie is, maar ook in een aantal landen waar christendom, hindoeÔsme, boeddhisme of atheÔsme de grootste groep uitmaken. Dat in deze landen de doodstraf toegestaan is betekent uiteraard niet dat burgers anderen mogen doden, maar enkel dat de overheid op gezag van de rechtbank een schuldig bevonden misdadiger in sommige gevallen ter dood kan brengen.

2.2.2. Doodstraf in de islam en in de muslimwereld

Niet in alle muslimlanden bestaat de doodstraf nog. Zoals gezegd, is de doodstraf in sommige muslimlanden afgeschaft, hetzij bij wet, hetzij de facto. In andere muslimlanden geldt de doodstraf nog wel. Hoe zit het in die landen met onthoofding als methode van executie? En wat zegt de islam daarover?

2.2.2.1. Invoeren van shari'ah niet verplicht

De Koran is een leidraad om in alle omstandigheden het best mogelijke te doen. Het is geen wetboek, en bevat evenmin een blauwdruk van een model voor maatschappelijke ordening. De Koran stelt wel een maatschappelijk doel voorop, met name het tot stand brengen van een rechtvaardige samenleving waarin het voor iedereen, muslim en niet-muslim, goed om leven is. Het staat muslims echter vrij hun staatkundig model te kiezen om dit doel te bereiken. Dit betekent dat het invoeren van de shari'ah geen verplichting is. De Koran staat muslims ook toe een volledig seculier model uit te bouwen. In de meeste muslimlanden geldt dan ook ofwel een seculiere wet ofwel een mengeling van burgerlijk recht, plaatselijk gewoonterecht, koloniaal recht en lokale versies van religieus recht. Seculiere landen als Turkije zijn niet minder of niet meer representatief voor de islam als landen als Iran of Saudi-ArabiŽ. Elke gemeenschap organiseert zijn land naar eigen inzichten om het islamitisch doel van een rechtvaardige samenleving te bewerkstelligen. Geen van die landen is "het" voorbeeld van een "islamitische staat" vermits de Koran geen blauwdruk voor een staatsstructuur bevat.

Bovendien kan in geen geval de shari'ah ingevoerd worden tegen de wil van de bevolking in. Het is integendeel zo dat voor zover muslims ervoor zouden opteren de shari'ah in te voeren (wat dus geen religieuze verplichting is), dit enkel kan als dit gesteund wordt door een aan unanimiteit grenzende meerderheid van de bevolking. Zelfs als men de shari'ah zou invoeren, geldt godsdienstvrijheid, vermits in de Koran God zelf vrijheid van godsdienst voor iedereen garandeert. Dit alles werd in detail besproken in de Koran Notitie: "Moskee en staat: een moeilijke verhouding?" [9].

Zelfs als de islam de doodstraf voor een bepaald misdrijf zou toestaan, wil dat dus niet zeggen dat muslimlanden gehouden zijn dit in wettelijke richtlijnen om te zetten. Getuige daarvan trouwens de eerder genoemde muslimlanden waarin de doodstraf bij wet of de facto afgeschaft werd.

2.2.2.2. De Koran over doodstraf

Een van de verzen waarnaar verwezen wordt om de doodstraf van overheidswege op religieuze gronden te legitimeren, is:

«Derhalve hebben Wij aan de IsraŽlieten voorgeschreven dat wie iemand doodt, anders dan voor doodslag of wegens verderf zaaien op de aarde, is alsof hij de mensen gezamenlijk heeft gedood en dat wie iemand laat leven is alsof hij de mensen gezamenlijk heeft laten leven. Onze gezanten zijn tot hen met de duidelijke bewijzen gekomen, maar velen van hen waren daarna op de aarde toch onmatig.» (Koran 5:32).

De momenteel gangbare versies van de shari'ah beschouwen o.a. terrorisme als "verderf zaaien", een misdrijf waarvoor de doodstraf kan uitgesproken worden. [10]. Ook moord is een misdrijf waarop de doodstraf kan staan. Daarnaast worden vanuit religieus perspectief ook de zgn. hadd misdrijven beschouwd als misdrijven waarvoor de doodstraf geldt. In de meeste muslimlanden, zelfs deze waarin een partiŽle vorm van religieuze rechtspraak geldt, vallen deze hadd misdrijven evenwel onder het seculiere recht en beperken de religieuze rechtbanken zich tot zaken van familie- en erfrecht. [11] Slechts in een beperkt aantal landen, waaronder Saudi-ArabiŽ of Iran, vallen ze mee onder een eigen versie van het religieuze recht.

2.2.2.3. Ontradende factoren

Hoewel de Koran voor een beperkt aantal misdrijven de doodstraf vermeldt, bevat de Koran tegelijk ook elementen om de doodstraf te ontraden.

Enerzijds legt de Koran de lat van de bewijslast zeer hoog. De Koran stelt dat wie een mens doodt, behalve in het recht, "het is alsof hij de hele mensheid heeft gedood" (Koran 5:32). De last op de rug van rechters in misdrijven waarvoor de doodstraf geldt is dan ook bijzonder zwaar - vergist men zich, dan is de eigen ziel onnoemelijk bezwaard en laadt men zich een zonde op de schouders die vergelijkbaar is met het vermoorden van de hele mensheid, wat zal resulteren in een eeuwig verblijf in de hel. De doodstraf kan dan ook maar uitgesproken worden als het risico op vergissing onbestaand is. Dat maakt het zelfs voor hadd-misdrijven in de feiten vaak onmogelijk de doodstraf als strafmaat op te leggen vermits vaak niet voldaan kan worden aan de hoge eisen van bewijslast.

Zelfs als men voldoet aan de bewijslast in de rechtbank, beveelt de Koran aan genadevol te zijn. De koranische verzen aangaande bestraffing voor moord vestigen dit principe. Moord wordt in de shari'ah beschouwd als burgerlijk misdrijf dat onder de regelgeving van qisas (vergelding) valt. Om misverstanden te vermijden: de "vergelding" kan alleen via een rechtbank voltrokken worden en staat muslims niet toe het recht in eigen handen te nemen. In de rechtspraak over dergelijke misdrijven hebben slachtoffers wel een stem in de bepaling van de strafmaat. Dit betekent dat wanneer de rechter een moordenaar schuldig bevindt, hij de doodstraf wel kan suggereren, maar dat nabestaanden het recht hebben genade te betonen en in plaats van de doodstraf een financiŽle genoegdoening te eisen, het zogenaamde diyah (bloedgeld). Daarbij zegt de Koran dat mededogen tonen verkieslijk is en dat genadevolle rechters en nabestaanden op hun oordeelsdag eveneens genade zal betuigd worden. [12] Het is nabestaanden hoe dan ook verboden het recht in eigen handen te nemen. Enkel de rechtbank kan een beklaagde schuldig bevinden, en de strafmaat na inwinning van de wensen van de nabestaanden, uitspreken. In geval van doodstraf, kan deze enkel door de overheid voltrokken worden.

Het vers dat nabestaanden aanmoedigt genade te betonen en financiŽle genoegdoening te verkiezen boven vergelding, luidt als volgt:

«(v. 44) Wij hebben de Thora neergezonden met een leidraad erin en een licht, waarmee de profeten die zich [aan God] overgeven oordeel vellen voor hen die het jodendom aanhangen. Zo ook de rabbijnen en de schriftgeleerden, naar wat hun van Gods boek was toevertrouwd en waarvan zij getuigen waren. Vreest dan de mensen niet maar vreest Mij en verkwanselt Mijn tekenen niet. En wie niet oordeel vellen volgens wat God heeft neergezonden, dat zijn de ongelovigen. (v.45) Wij hebben hun daarin voorgeschreven: leven om leven, oog om oog, neus om neus, oor om oor en tand om tand; ook voor verwondingen is er vergelding. Als iemand het dan als aalmoes kwijtscheldt dan geldt dat voor hem als verzoening. En wie niet oordeel vellen volgens wat God heeft neergezonden, dat zijn de onrechtplegers. » (Koran 5:44-45)

Waarover handelt deze passage? In v. 44 wordt de Thora, het joodse deel van de Bijbel, een leidraad met een licht erin genoemd. De islam erkent dat er verschillende wegen zijn naar God en erkent dat joden en christenen in dezelfde ene God geloven. Meer nog, in de passage waarin deze verzen ingebed zijn, moedigt de Koran de christenen aan de openbaringen aan Jezus te volgen, in vers 44 worden de joden aangemoedigd de Thora te volgen, in daaropvolgende verzen worden muslims aangemoedigd de Koran te volgen. Met hen allen volgen zij, elk volgens hun weg, het pad van God. In elk van deze religies zijn er gelovigen en ongelovigen. De gelovigen zijn diegenen die hun eigen goddelijke leidraad volgen (voor joden de Thora, voor christenen de Indjiel of EvangeliŽn, voor muslims de Koran). De ongelovigen zijn diegenen die dat niet doen, hoewel enkel God over geloof en ongeloof kan oordelen.

In v.45 verwijst de Koran naar de richtlijn uit de Thora ("Oud Testament") van "oog om oog" die aan de joden werd voorgeschreven. De Koran beperkt deze regel tot een aantal specifieke misdrijven waarover enkel een rechtbank zich kan uitspreken. Het gaat dus niet om een regel in de algemene omgang tussen mensen, maar om een regel uit het strafrecht dat op sommige misdrijven van toepassing is. De algemene regel van de Koran is verzoenend en genadevol te zijn. Zelfs in de beperkte gevallen waarvoor in het strafrecht oog om oog geldt, schrijft de Koran in het tweede deel van dit vers voor dat genade betonen verkieslijker is met het oog op het verwerven van genade voor de eigen fouten op oordeelsdag. Zelfs wanneer men in de rechtbank toch vergelding eist (in geval van moord, is dat de doodstraf), dan kan deze vergelding niet door nabestaanden uitgevoerd worden, maar wordt ze voorbehouden aan de overheid, na een rechtsgang waarin een moordenaar schuldig bevonden werd.

2.2.2.4. Methode niet gespecificeerd

Voor zover men een versie van de shari'ah wil invoeren en voor zover men vasthoudt aan de doodstraf (die dus enkel door de overheid voltrokken kan worden), staat er in de Koran niets over de manier waarop de doodstraf moet voltrokken worden. Er staat dus nergens dat schuldigen van misdrijf waarvoor de doodstraf geldt, onthoofd moeten worden.

Dood door onthoofding wordt in diverse (Westerse) bronnen omschreven als "wellicht even humaan als andere moderne methoden indien correct uitgevoerd", en als relatief "pijnloos" (quasi onmiddellijk bewustzijnsverlies). [13,14] Een bijdrage in Wikipedia stelt: "Als de bijl van de executeur scherp was en hij precies mikte, was onthoofding snel en werd het verondersteld een relatief pijnloze vorm van sterven te zijn" (Wikipedia). [15]

Doodstraf door onthoofding wordt al van in de oudheid toegepast. Grieken en Romeinen gebruikten o.a. onthoofding (soms ook kruisiging) om de doodstraf te voltrekken. In Groot-BrittanniŽ werd onthoofding toegepast tot in 1747. Doodstraf door onthoofding werd daar lange tijd beschouwd als een 'eervolle' dood, een voorrecht voor aristocraten; het 'gewone' volk werd geŽxecuteerd aan de galg of op de brandstapel. [16]. In sommige andere Europese en Aziatische landen werd onthoofding toegepast tot in de 20ste eeuw. De praktijk werd in Duitsland pas 70 jaar gelden, in 1938, afgeschaft. In Noorwegen en Zweden kwam aan onthoofdingen pas een einde in begin van de jaren 1900. In China werd onthoofding toegepast tot het communisme de macht greep in de 20ste eeuw, sedertdien worden executies met de kogel voltrokken. In Japan werd onthoofding aan het einde van de 19e eeuw vervangen door ophanging. [17]

Omdat de pijnloosheid van de doodstraf door onthoofding afhankelijk was van de beul, werd die methode tijdens de Franse revolutie 'gemechaniseerd', door middel van de guillotine. In Frankrijk werd de laatste executie door de guillotine uitgevoerd in 1977. Onthoofding door de guillotine bleef er de officiŽle executiemethode, tot Frankrijk de doodstraf afschafte in 1981. [18]

In die optiek moet ook doodstraf door onthoofding gezien worden in die gevallen waar zij nog ingeschreven staat in de wetgeving van een beperkt aantal muslimlanden, vermits de methode in de Koran nergens voorzien wordt.

2.2.2.5. Enkel Saudi-ArabiŽ voltrekt doodstraf nog door onthoofding

Niet alle muslimslanden voeren ťťn of andere (partiŽle) vorm van de shari'ah in (niets in de islam verplicht hen overigens om dat te doen), en in een aantal muslimlanden is de doodstraf afgeschaft. Van die muslimlanden waar de doodstraf nog wel geldt, zijn er slechts vier die onthoofding nog als methode in hun strafrecht staan hebben, met name in Saudi-ArabiŽ, Jemen, Iran en Qatar. Enkel in Saudi-ArabiŽ wordt onthoofding ook nog effectief toegepast, al wijst Mohamad Adam El-Sheikh erop dat "het tij van de opinie onder Saudische rechters en andere autoriteiten aan het veranderen zou kunnen zijn, weg van deze methode". [19]. Het is dus zeker niet zo dat deze executievorm algemeen toegepast wordt in de muslimwereld. Integendeel, deze vorm van voltrekken van de doodstraf is uitzonderlijk. Ze wordt ook niet door de Koran voorgeschreven.

2.2.2.6. Doodstraf in de islam ter discussie

Niet alleen in een seculier kader staat de doodstraf in muslimlanden ter discussie of wordt ze afgeschaft. Ook op religieuze grond komt de doodstraf recent ter discussie te staan. Zo riep Tariq Ramadan in 2005 op om vanuit de leer zelf - op religieuze gronden dus - een moratorium in te stellen op de doodstraf. [20] Hoewel zijn oproep geen steun kreeg in conservatieve middens was het een belangrijke stap in het op gang trekken van het debat over de doodstraf.

Interessant is hier ook even de positie van de katholieke kerk te vermelden. Van oudsher erkende het katholicisme de doodstraf vanuit de theologie van Thomas van Aquino. Onder het pontificaat van Paus Johannes Paulus II werd die positie verfijnd. In een pauselijke encycliek stelde hij dat de doodstraf vermeden moet worden tenzij het de enige manier is om de samenleving te verdedigen. Hij voegde er aan toe dat met het huidige strafrechterlijke systeem de omstandigheden die de doodstraf rechtvaardigen "ofwel zeldzaam ofwel niet-bestaand zijn". [21] Daarmee wordt de doodstraf in het katholicisme dus niet volledig afgezworen maar eigenlijk bevroren omdat er momenteel volgens de katholieke leer geen noodzaak toe is.


 



2.3 Doden van vijandige soldaten tijdens aan de gang zijnde wettelijke oorlog

Een tweede uitzondering op het algemene recht op leven en de bescherming daarvan, wordt van rechtswege gemaakt voor soldaten die in een strijd verwikkeld zijn op het slagveld.

2.3.1. Oorlogsethiek

De Koran heeft als hoofddoel een vredevolle, rechtvaardige samenleving tot stand te brengen. Hoewel vrede nagestreefd wordt, houdt de Koran er rekening mee dat oorlogen kunnen gebeuren. Net zoals elk Westers land een ethiek en logica volgt over wanneer een oorlog toegestaan is, en net zoals ook het katholicisme een doctrine van een 'bellum iustum' kent waarin omschreven wordt in welke gevallen een oorlog toegestaan is, is ook in de islam uitgewerkt wanneer oorlog toegestaan is. Islam staat geen offensieve oorlog toe. Enkel wanneer muslims aangevallen worden, en wanneer alle andere mogelijkheden om de aanval af te slaan, zoals het opstarten van vredesonderhandelingen, op niets uitdraaien, mag men zich gewapenderwijze verzetten - en dan nog gelden zeer strikte regels. Geweld is de allerlaatste optie en kadert binnen een streven naar het herstellen van de vrede.

Volgend vers legt uit wanneer gewapende strijd toegestaan is:

«Aan hen die bestreden worden is [de strijd] toegestaan omdat hun onrecht is aangedaan; God heeft de macht hen te helpen, die zonder recht uit hun woningen verdreven zijn, alleen maar omdat zij zeggen: "Onze Heer is God" - en als God de mensen elkaar niet had laten weerhouden dan waren kluizenaarsverblijven, kerken, synagogen en moskeeŽn waarin Gods naam vaak genoemd wordt zeker verwoest. Maar God zal hen die Hem helpen zeker helpen; God is krachtig en machtig.» (Koran 22:39-40)

Dit vers geeft aan wanneer gewapend verzet mogelijk is:

  1. De vijandigheden moeten door anderen gestart worden tegen de gelovige muslims. Enkel muslims die "bestreden worden", mogen zich verzetten. Het gaat dus om een defensieve oorlog, niet om een offensieve. Wat hierbij betracht wordt is het beschermen van de rechtvaardige gematigde gemeenschap tegen aanvallen erop.
  2. Er moet de muslims onrecht aangedaan zijn. Hierbij wordt expliciet het onrechtmatig verdrijven uit woningen vermeld.
  3. Het doel van de agressor moet de destructie van de islam en de muslims zijn. Het vers verwijst naar godsdienstvervolging, waarbij muslims vervolgd worden enkel omdat zij zeggen dat ze in God geloven.
Een oorlog is dus enkel toegestaan als verdediging tegen het onrecht dat veroorzaakt is door een aanval of bezetting, verdrukking of godsdienstvervolging. Daarbuiten, is gewapende strijd niet gelegitimeerd. Een oorlog voeren om mensen te dwingen zich te bekeren tot de islam, is formeel verboden.

Bovendien kan een oorlog, net zoals in het Westen, enkel uitgeroepen worden door een legitieme overheid, dwz een overheid die de grote meerderheid van muslims vertegenwoordigt.

Daarnaast is oorlogsvoering in de islam gekoppeld aan een reeks hoogstaande ethische principes. Zo legde Abu Bakr zijn metgezellen de volgende 10 regels van oorlogsvoering op (Al-Muwatta, Volume 21, Hadith 10) :

Dood geen vrouwen;
Dood geen kinderen;
Dood geen bejaarden;
Dood geen zieken;
Hak geen bomen om of verbrand ze niet, vooral als het fruitdragende bomen zijn (ook de oogst mag niet vernield worden);
Verniel geen onbewoonde plaatsen;
Dood geen dieren behalve voor voedsel (dieren mogen niet het slachtoffer worden van de oorlog tussen mensen);
Verbrand geen bijen en drijf hen niet uiteen;
Steel niets van de zaken die in beslag genomen werden gedurende de strijd;
En handel niet laf.
 

Ook moeten religieuze leiders van alle godsdiensten en hun gebedshuizen gevrijwaard worden, burgerconstructies moeten gespaard worden, enz. De islam beperkt een oorlog zeer strikt tot een strijd tussen soldaten.

Ten slotte mag een oorlog slechts duren tot men de vrede kan herstellen. Van zodra de tegenpartij daartoe bereid is, moet men meegaan in de vrede. Men mag dus niet blijven strijden om de tegenstander uit te roeien.

«En als zij geneigd zijn tot vrede, wees daar dan ook toe geneigd en stel je vertrouwen op God.» (Koran 8:61)

Ook wat er moet gebeuren in geval van een overwinning, wordt door de Koran gereguleerd. De eerder aangehaalde regels van godsdienstvrijheid dienen gerespecteerd te worden en er moet rechtvaardig gehandeld worden zodat een vrije, rechtvaardige samenleving ingesteld wordt waarin mensen vrij zijn zich al dan niet bij de Islam aan te sluiten:

«God beveelt jullie in bewaring gegeven goederen aan de rechthebbenden te overhandigen en, wanneer jullie tussen de mensen oordelen, dat jullie rechtvaardig oordelen..."» (Koran 4:58)

«Jullie die geloven! Wees standvastig voor God als getuigen van de rechtvaardigheid. En laat de afkeer van bepaalde mensen jullie er niet toe brengen niet rechtvaardig te zijn. Wees rechtvaardig, dat is dichter bij godvrezendheid."» (Koran 5:8)

«God gebiedt rechtvaardig te handelen, goed te doen en aan de verwanten giften te geven en Hij verbiedt wat gruwelijk, verwerpelijk en gewelddadig is....» (Koran 16:90)

Kortom, de Koran draagt op alles in het werk te stellen om een oorlog te vermijden. Als het toch zover komt, moet de strijd erop gericht zijn de vrede te herstellen, en moet de strijd altijd getemperd worden door een streven naar vergevingsgezindheid, rechtvaardigheid en zo meer. Dit wordt duidelijk uit een tweede vers dat toelating geeft tot gewapend verzet maar er al onmiddellijk bij zegt dat men niet over de schreef mag gaan:

«En bestrijdt op Gods weg hen die jullie bestrijden, maar overtreedt de grenzen niet, God bemint de overtreders [van de grenzen] niet.» (Koran 2:190).

Diezelfde toon vind men terug in een vers dat zegt dat men mild moet zijn ten aanzien van de vijand, want op een dag kan hij je vriend worden:

«Misschien dat God tussen jullie en hen die jullie als vijand beschouwen genegenheid zal brengen, God is almachtig, en God is vergevend en barmhartig.» (Koran 60:7)

2.3.2. Krijgsleer aangaande confrontaties op het slagveld

Zoals eerder gesteld is de algemene regel het recht op leven en het verbod op het schenden van dit recht. In het civiele leven wordt daar door de islam een uitzondering voor gemaakt voor gevallen van wettelijke zelfverdediging, net zoals in het Westen. En net zoals in het westen wordt op deze algemene rechtsregel ook in het krijgsrecht een uitzondering gemaakt voor soldaten op het strijdtoneel - anders zouden ze zich moeten laten afslachten. Verschillende verzen handelen hierover. Alvorens op deze verzen in te gaan moet duidelijk gesteld worden dat net zoals het Belgisch krijgsrecht niet van toepassing is op hoe burgers met elkaar horen om te gaan, geldt dat ook het islamitisch krijgsrecht niet van toepassing is op relaties tussen burgers. De Koran en de Sunnah hebben een zeer omvangrijk sociaal kader uitgewerkt voor de manier waarop muslims met niet-muslims horen om te gaan. Centraal daarin staat rechtvaardigheid en godsdienstvrijheid. Respect voor de ander, vergevingsgezindheid, vriendelijkheid, barmhartigheid en naastenliefde staan hoog aangeschreven. Dit wordt ten gronde uitgewerkt in de Koran Notitie "Omgaan met niet-muslims". [22]

In oorlogstijd geldt - enkel voor de strijders - in het kader van bovenstaande oorlogsethiek ook op het slagveld een gedragscode. Gewapende strijd op het slagveld van een wettigde oorlog is geen wetteloze situatie. Een aantal verzen die deze confrontaties met vijandige soldaten regelen, worden uitgewerkt in de Koran Notitie "Zet de Koran aan tot geweld?" [23] Daarin worden onder meer verzen als de volgende besproken en van commentaar voorzien.

«Toen jouw Heer aan de engelen openbaarde: "Ik ben met jullie, sterkt dus hen die geloven. Ik zal de harten van de ongelovigen schrik aanjagen. Houwt dan in op de nekken en houwt hen op al hun vingers".» (Koran 8:12)

Waarover gaat het hier? Dit vers handelt over de slag om Badr waarin muslims in de minderheid zijn. Het vers situeert zich dus in het krijgsrecht, en heeft niets te maken met hoe burgers met elkaar moeten omgaan. In deze specifieke krijgssituatie, stuurt God Zijn engelen uit om aan de zijde van de muslims te strijden en geeft Hij deze Engelen instructies. Het gedeelte "houwt dan in op de nekken en houwt hen op al hun vingers" is een opdracht aan de Engelen, het is geen opdracht die aan de muslim strijders gegeven wordt. Het is ook God die zegt: "Ik zal de harten schrik aanjagen". Hij zal er met andere woorden voor zorgen dat de vijand, niettegenstaande hij bij de slag om Badr een numerieke overmacht heeft, schrik krijgt voor de kleine aantallen muslimstrijders. Voor informatie over de hele context rond de slag om Badr, verwijs ik naar eerdere Koran Notities. [24]

Ook volgend vers handelt over een confrontatie tussen soldaten in een wettelijke oorlog:

«En wanneer jullie hen die ongelovig zijn [in de strijd] ontmoeten, sla hen dan dood, maar wanneer jullie dan de overhand over hen verkregen hebben boeit hen dan stevig vast, hetzij om hen later als gunst vrij te laten, hetzij om hen los te laten kopen, wanneer de lasten van de oorlog zijn afgelegd. ... » (Koran 47:4)

Ook dit vers handelt over de strijd om Badr en verduidelijkt hoe muslims zich in het heetst van een strijd die deel uitmaakt van een wettelijke oorlog horen te gedragen. Ook dit vers handelt dus niet over hoe muslims moeten omgaan met niet-muslims. De hoofdregel in de islam is dat alle leven heilig is. Als er op dit algemeen recht op leven evenwel geen uitzondering zou gemaakt worden voor een gewapend treffen tussen soldaten op een slagveld van een gewettigde oorlog, zouden muslimsoldaten zich zonder enig verweer moeten laten doden. Daarom werden versen als dit geopenbaard, als uitzondering op de algemene regel die doden verbiedt: in een oorlogssituatie kan het doden van vijandige soldaten onder bepaalde omstandigheden toegestaan zijn. Het vers verduidelijkt dat dit onder meer het geval is wanneer het om logistieke of militaire redenen niet mogelijk is de vijandige soldaten gevangen te nemen. Het doden van een vijandig strijder in oorlogstijd, is op zich evenwel geen algemene oorlogsregel, want hetzelfde koranisch vers bepaalt dat zodra dat logistiek mogelijk is, de vijandige strijder gevangen genomen moet worden en niet gedood mag worden. Hierbij aansluitend verduidelijken andere verzen alsook de sunnah dat krijgsgevangen zorgzaam en genadevol behandeld worden. Zij worden in afwachting van het beŽindigen van de gevechten zo snel mogelijk ondergebracht bij muslimgezinnen die zorg voor hen dragen. Er wordt zelfs voorgeschreven bij de voedselbedeling voorrang te geven aan de krijgsgevangen en hen het beste voedsel voor te zetten terwijl de muslims genoegen moeten nemen met het mindere voedsel. Een van de krijgsgevangenen van de slag om Badr, Huzayr ibn Humyar, verklaarde:

«Ik was bij een van de Ansari gezinnen, nadat ik gevangen genomen was. Telkens het etenstijd was, gaven ze mij een voorkeursbehandeling door mij brood te geven terwijl zij slechts dadels aten, en dit in overeenstemming met de richtlijnen van de Profeet om gevangenen goed te behandelen.» [25]

De islam schrijft verder voor de krijgsgevangenen na afloop van de oorlog te ruilen voor muslimkrijgsgevangen of een bepaalde som geld, of hen gewoon vrij te laten waarbij ze de keuze hebben terug te keren naar hun familie of (als niet-muslim) in de muslimgemeenschap te blijven wonen.

Uit deze voorschriften blijkt dat ook tijdens een gewettigde oorlog de voorschriften van genade blijven gelden. De Koran stelt immers dat men ook voor het zich verdedigen tegen een aanval de grenzen niet mag overschrijden.

« En bestrijdt op Gods weg hen die jullie bestrijden, maar overtreedt de grenzen niet, God bemint de overtreders [van de grenzen] niet.» (Koran 2:190).

2.3.3. "Gewelddadige" verzen in de Bijbel

Dat de Koran een aantal verzen over gewapende strijd bevat, is stemt geheel overeen met zowel het joodse als het christelijke deel van de Bijbel, waarin eveneens tal van verzen handelen over gewapende strijd. Meer nog, in een artikel in The Guardian stelt Eerwaarde Giles Fraser:

«Waarom dan, zijn zoveel verslaggevers ervan overtuigd dat de Koran een handboek van haat is? Vergeleken met de joods-christelijke heilige geschriften, is de Koran 'very tame stuff' (zeer flauwe kost).» [26 ]

Inderdaad, de Bijbel - zowel het joodse (Thora) als het christelijke (EvangeliŽn) gedeelte - bevatten tal van verzen die op het eerste gezicht behoorlijk shockerend zijn. In de Koran Notitie over terrorisme werden een reeks "gewelddadige" verzen uit de Bijbel geciteerd. [27] Een paar voorbeelden:

Uit het joodse gedeelte van de Bijbel:

  • «De HEER zal u vrijwaren voor elke ziekte, hij zal u alle kwalen die u zich uit Egypte herinnert besparen en ze voor uw vijanden bestemmen. Daarom moet u alle volken die hij aan u uitlevert vernietigen, zonder medelijden te tonen. Dien hun goden niet, want dat zou uw ondergang betekenen.»†† (Deut. 7:15-16)
  • «†ĎJij daagt me uit met je zwaard en je lans en je kromzwaard,í antwoordde David, Ďmaar ik daag jou uit in de naam van de HEER van de hemelse machten, de God van de gelederen van IsraŽl, die jij hebt beschimpt. (46) Maar vandaag zal de HEER je aan mij uitleveren: ik zal je verslaan en je hoofd afhouwen, en ik zal de lijken van de Filistijnen aan de aasgieren en de hyenaís ten prooi geven, zodat de hele wereld weet dat IsraŽl een God heeft. »(1 Samuel 17:45-46)
  • «†Van de moederschoot af zijn ze van God vervreemd, van hun geboorte af dwalen die leugenaars. (...) God, sla hun de tanden uit de mond, verbrijzel de kaken van die leeuwen, HEER Ė(...) » (Psalm 58:4-9)
  • «†Verheugd is de rechtvaardige als hij vergelding ziet, in het bloed van de wettelozen wast hij zijn voeten.» (Psalm 58:4-9)
  • «†Dood nu alle jongens en alle vrouwen die gemeenschap met een man hebben gehad. Alleen de jonge meisjes mogen blijven leven. » (Numeri 31:17-18)
  • «†Wie aan andere goden offers brengt, en niet uitsluitend aan de HEER, moet onder de ban worden geplaatst en gedood worden.» (Exodus 22:18)
  • «†Wie met een man het bed deelt als met een vrouw, begaat een gruweldaad. Beiden moeten ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.» (Leviticus 20:13)
  • «†Als de dochter van een priester zich door hoererij ontwijdt, ontwijdt ze haar vader en moet ze worden verbrand.» (Leviticus 21:9)
Uit het christelijke gedeelte van de Bijbel
  • «†Denk niet dat Ik ben gekomen om vrede op aarde te brengen. Nee, eerder een zwaard. Ik ben gekomen om verdeeldheid te brengen tussen vader en zoon, tussen moeder en dochter, tussen schoonmoeder en schoondochter.» (Matheus 10:34-35).
  • «†Wie veel heeft, krijgt er meer bij. Wie weinig heeft, raakt ook dat beetje nog kwijt. En breng nu mijn vijanden, die in opstand zijn gekomen, hier en dood hen voor mijn ogen!» (Lucas 19:26-27)
  • «†Want God heeft gezegd: ďToon eerbied voor uw vader en moeder,Ē en ook: ďWie zijn vader of moeder vervloekt, moet ter dood gebracht worden.» (Mattheus 15:4)
  • «†Loop niet in een en hetzelfde span met ongelovigen. Wat is de verwantschap tussen gerechtigheid en wetteloosheid? Wat heeft licht met duisternis te maken? Waarin lijken Christus en Beliar op elkaar? Wat hebben een gelovige en een ongelovige gemeen? Wat heeft de tempel van God met afgoden te maken? Wijzelf zijn de tempel van de levende God, zoals God heeft gezegd: ĎIk zal bij hen wonen en in hun midden verkeren, ik zal hun God zijn en zij mijn volk. Daarom zegt de Heer: Ga weg bij de ongelovigen, zonder je van hen af en raak niets aan dat onrein is. Dan zal ik jullie aannemen en jullie vader zijn, en jullie mijn zonen en dochters Ė zegt de almachtige Heer.í» (2 CorinthiŽrs 14-18)
Uiteraard levert het dusdanig uit hun context citeren van verzen uit de Bijbel geen correct beeld op van het joods of christelijk geloof. Waarom zou dat met de Koran anders zijn?

Men geeft de christenen de kans deze verzen te situeren en uit te leggen, in hun context te plaatsen en met argumenten uit de Bijbel zŤlf aan te tonen dat deze verzen hoegenaamd niet aanzetten tot geweld of terreur maar dat de algemene boodschap van de Bijbel er integendeel een is van vredelievendheid en naastenliefde. De Bijbel wordt op grond van dergelijke verzen geen moorddadig, bloeddorstig of fascistisch boek genoemd; wordt niet vergeleken met Mein Kampf; er wordt evenmin gesteld dat de Bijbel christenen aanzet tot het vermoorden van ongelovigen. Men wil de Bijbel niet afschaffen, en christenen moeten zich niet collectief, massaal en herhaaldelijk verontschuldigen voor misdaden die door christenen begaan worden en die in strijd zijn met de christelijke leer, zelfs al beroepen de misdadigers zich op die leer, zoals historisch meermaals gebeurd is - wat recent nog het geval was toen sommige Servische christenen stelden Europa's nieuwe "kruistocht" te voeren.

Waarom behandelt men muslims en de Koran anders?

 



3. ONGEWETTIGDE, EN DUS MISDADIGE VRIJHEIDS- EN LEVENSBEROVING: NEMEN EN DODEN VAN GIJZELAARS

3.1. Onthoofdingen "in naam van de Islam"

Tegen de achtergrond van het hierboven uitgewerkte islamitische kader, kunnen nu de gijzelingen en onthoofding van burgers in landen als Irak en Pakistan als volgt geŽvalueerd worden.

3.1.1. Nemen en doden van gijzelaars: een inbreuk op de wet

De islam erkent een aantal fundamentele mensenrechten die grotendeels overeenkomen met de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties. Tot deze rechten behoren het recht op leven en het recht op bescherming tegen arbitraire vrijheidsberoving. Het plegen van een gijzeling is dus ook in de islam een misdrijf. A fortiori is het doden van gijzelaars - ongeacht op welke manier - ook in de islam moord. De Koran stelt dat het vermoorden van ťťn mens even erg is als het vermoorden van de hele mensheid. Moord is in de islam een van de weinige misdrijven waarvoor de doodstraf kan uitgesproken worden. Het is duidelijk dat gijzelnemers, en a fortiori gijzelnemers die hun gijzelaars doden - ongeacht op welke manier - een zware inbreuk plegen op de islamitische regelgeving en dus een zwaar misdrijf plegen.

3.1.2. Perverse logica van de gijzelnemers

Gijzelnemers in Irak beroepen zich evenwel op een eigen logica. Zij zien zichzelf als strijders tegen een Westerse bezetting. Echter, in de islam heiligt het doel de middelen niet. Hoewel de islam muslims toestaat zich te verzetten tegen onrecht, moet dat binnen een legitiem kader gebeuren. De acties van deze gijzelnemers is op meerdere vlakken strijdig met dit islamitisch kader:

  1. Net zoals in het Westen is in de islam gewapende strijd beperkt tot gevallen waarin dit wettelijk toegestaan is, te weten voor het verdedigen van een levensbedreigende aanval op het eigen leven (wettelijke zelfverdediging), of voor strijdende soldaten in een door een representatieve muslimoverheid uitgeroepen oorlog - en dat kan pas wanneer voldaan is aan de voorwaarden die eerder in deze tekst uiteengezet werden. Die representatieve, legitieme overheid bestaat alleen als er een kalifaat is, wat momenteel niet het geval is. Dat betekent dat muslims momenteel geen mogelijkheid hebben om een door de islam gelegitimeerde gewapende strijd aan te binden. Het enige wat in dergelijke omstandigheden door hun religie gelegitimeerd wordt is ofwel zich in veiligheid brengen door uit te wijken naar een ander land waar vrede heerst, ofwel zich op vreedzame wijze langs wettelijke weg verzetten tegen de onderdrukking. [28]

    In een seculier perspectief zal een land dat aangevallen wordt zich daar uiteraard tegen verdedigen. In dit geval beantwoordt een overheid de oorlogsverklaring met een regulier leger, binnen een seculier discours van (inter-)nationaal recht. Maar zelfs een dergelijke op seculiere gronden gewettigde oorlog kan, ook als hij naar internationaal recht legitiem is, bij afwezigheid van een kalifaat niet voldoen aan de eisen van voor een religieuze oorlog (i.c. als jihad) vermits er om te beginnen geen representatieve muslimoverheid is die de beslissing van een legitieme religieuze strijd kan nemen. Dat betekent dat de gewapende groepen zich niet op een islamitische legitimatie kunnen beroepen. Integendeel. Als ze dat wel doen, doen ze dat onterecht en illegitiem, en handelen ze bijgevolg in strijd met de islam.

  2. In de islam heiligt het doel de middelen niet. Volgens de islam moeten zowel doel als middelen zich binnen het wettelijke situeren. Dus zelfs wanneer men zou aannemen dat hun doel gewettigd is, nl. zich verzetten tegen onrecht, en zelfs al zou de strijd door een formele oorlogsverklaring van een representatieve religieuze overheid gedekt zijn, dan nog overschrijden zij alle grenzen van de middelen om dit doel te bereiken. Zo overtreden ze de hele islamitische regelgeving inzake de oorlogsethiek die stelt dat burgers en iedereen die niet gewapend is geen schade mag toegebracht worden. Dit wordt verder onderstreept door een voorval gemeld in de hadith collecties. Op een keer zag profeet Mohamed een vrouw die er niet uitzag als een strijder dood liggen temidden van een slagveld. De profeet reageerde ontzet en zei kwaad tegen zijn gezellen: Waarom werd zij gedood? Zij was geen strijder!" [29]

    Ook niet-muslims die de islam bestuderen komen tot dit besluit. Rabbi Reuven Firestone, professor Middeleeuws Judaisme en Islam, aan de Hebron Union College, stelt

    « Wat zelfmoord en het schade berokken aan onschuldigen betreft, is islam ondubbelzinnig. De vier scholen van islamitische wet verbieden uitdrukkelijk het schade berokken aan niet-strijders.» (eigen vertaling) [30]

  3. Terroristen die argumenteren dat deze burgers medestanders zijn van de bezetters, gaan ook op dit punt in tegen de islam. In de islamitische krijgsethiek moeten burgers gespaard worden, is het verboden hen schade toe te brengen, en zou men hoogstens met de vijand collaborerende burgers krijgsgevangen kunnen nemen. Daarbij geldt dan de regelgeving voor krijgsgevangen, die niet toestaat dat hen kwaad berokkend wordt; integendeel, de islam schrijft een dermate goede behandeling van krijgsgevangenen voor dat zij bij de voedselbedeling voorrang krijgen op de muslims. Het onthoofden van krijgsgevangenen is dus, zelfs in een wettige strijd, formeel verboden en is niets anders dan moord. Oorlog is geen vrijgeleide voor het plegen van misdrijven. De Koran stelt dat men zich binnen een wettelijk kader mag verweren tegen een aanval. Echter:
    «En bestrijdt op Gods weg hen die jullie bestrijden, maar overtreedt de grenzen niet, God bemint de overtreders [van de grenzen] niet.» (Koran 2:190) [31]

    Muslims krijgen hier de opdracht ook in de verdediging tegen onrecht de grenzen niet te buiten te gaan maar zelf de morele 'high ground' te blijven bewandelen. Men mag in zijn verzet niet zelf in onrecht vervallen. Het vers verbiedt muslims oorlogsmisdaden te begaan. God staat dus alleen aan de kant van diegenen die de rechtvaardige zaak verdedigen tegen een aanval, en die dat op een wettige manier doen. Als men ter zelfverdediging in immoraliteit begaat, verspeelt men de steun van God, overtreedt men de wet en zal men integendeel op een straf mogen rekenen als oorlogsmisdadiger.

  4. Het is niet omdat men een paar heilige woorden uitspreekt dat men handelt als een muslim. De Koran waarschuwt daar zelfs nadrukkelijk voor. De Koran wijst er rechtstreeks op dat sommige mensen handelen in naam van God, maar waarschuwt dat niet hun woorden, maar hun daden voor hen spreken Ė als hun daden tegen het geloof spreken kunnen ze onmogelijk het geloof vertegenwoordigen. De Koran illustreert dit aan de hand van een voorval waarbij negen mensen een aanslag op het leven van de Profeet beraamden.
    «En er was in de stad een bende van negen die op de aarde verderf zaaiden en die geen orde op zaken stelden. Zij zeiden: 'Zweert met elkaar bij God dat wij hem en zijn huisgenoten 's nachts zullen overvallen en dan zullen wij tegen zijn beschermer zeggen: Wij waren geen getuige van zijn vernietiging en wij spreken de waarheid.' Zij maakten plannen en Wij maakten plannen zonder dat zij het beseften.» (Koran 27:48-52)

    Onschuldige mensen doden, op om het even welke manier, zijn zaken die in de Koran ondubbelzinnig verboden zijn. Het is niet omdat men een paar citaten uit de Koran prevelt, dat men handelt in naam van de islam.

  5. Volgens Samer Shehata, van Georgetown University in Amerika, kan men voor het onthoofden van gijzelaars niet eens preken van perversie van de wet. Onthoofdingen zijn een perversie tout court, stelt hij, vermits er in de Koran geen enkele wet is die stelt dat je iemand moet onthoofden. [32]

3.1.3. Scherpe veroordeling door muslims

Uit bovenstaande analyse blijkt dat de handelswijze van deze gijzelnemers op alle fronten strijdig is met de islam. Muslims daarom veroordelen terrorisme en onthoofdingen van gijzelaars in scherpe bewoordingen en herhalen keer op keer dat dergelijke handelingen niets te maken hebben met de islam maar in tegendeel door de islam verboden en veroordeeld worden. In de nasleep van 9/11 vaardigden zowel prominente muslimgeleerden, imams, religieuze leiders als gewone muslims tal van verklaringen uit waarin terrorisme scherp veroordeeld werd. Terrorisme wordt door de islam beschouwd als een misdaad tegen de samenleving. Het is een van de weinige misdrijven waarvoor vanuit de islam de doodstraf zou kunnen uitgesproken worden [33]. In het bijzonder veroordelen muslims ook de onthoofdingen van onschuldige burgers door terroristen. Een Amerikaanse koepelorganisatie die naar schatting 6 tot 8 miljoen muslims in meer dan 300 organisaties in de VS vertegenwoordigt, stelt:

« Diegenen die Dhr Johnson ontvoerd en op een gruwelijke manier vermoord hebben, hebben de onvergeeflijke misdaad begaan van het vermoorden van een onschuldig mens, wat in de islam gelijk staat met het doden van de hele mensheid.» [34]

Ook tal van andere muslimorganisaties veroordelen de onthoofdingen. [35-42]

De handelswijze en bedoeling achter zulke onthoofdingen heeft dan ook niets met de islam te maken. Het gaat ook volgens de islam om misdadigers. Met hun handelswijze proberen zij een maximale impact te generen en de aandacht maximaal op zichzelf te vestigen, om zo een maximaal afschrikkingseffect te genereren voor hun zaak. Door dergelijke daden willen een handvol misdadigers hun gewicht op de internationale scŤne aanzienlijk zwaarder maken dan het is. Juist daarom ook worden beelden van hun daden verspreid.

3.2. Onthoofdingen door niet-muslim misdadigers

Onthoofdingen van gijzelaars door muslims brengen, geheel terecht, een internationale golf van weerzin en veroordeling teweeg. Onterecht is dat deze misdaden met de islam geassocieerd worden. Ook volgens de islam zijn dit gruwelijke misdaden die bijgevolg door muslims zwaar veroordeeld worden. Er zijn echter niet alleen in de muslimwereld misdadigers die zich aan dergelijke gruwels te buiten gaan. Ook elders worden dergelijke misdaden gepleegd, door niet-muslims. Een paar recente voorbeelden:

3.2.1. Onthoofdingen door het Colombiaanse terreurorganisatie FARC

In februari 2007 werden zes gijzelaars van het Zuid-Amerikaanse FARC (Revolutionary Armed Forces of Columbia) doodgeslagen en onthoofd teruggevonden. [43]. Het FARC beschouwt zichzelf als een communistische (Marxistisch-Leninistische) organisatie maar wordt o.m. door Colombia, de Verenigde Staten en de Europese Unie beschouwd als een terreurgroep. [44]

3.2.2. Onthoofdingen in kader van Afrikaanse hekserij

In september 2007 werden in de grensstreek tussen Togo en Benin zes onthoofde lichamen gevonden - het jongste slachtoffer was slechts 12 jaar oud - in wat vermoedelijk een onderdeel was van "rituele moorden voor hekserij in de aanloop naar kerstmis". [45]

3.2.3. Onthoofdingen door illegale Keniaanse politiek-religieuze Mungiki sekte

Nog in september 2007 werd in Kenia het lijk van een politieagent onthoofd teruggevonden. De daders behoorden tot een in 2002 buiten de wet gestelde Mungiki sekte die al eerder onthoofdingen pleegde en dreigt met nog meer onthoofdingen [46,47] . De Mungiki sekte is een politiek-religieuze groep die terugkeert naar inheems Afrikaanse tradities. De sekte verwerpt verwestering, is gekant tegen het christendom en legt vrouwenbesnijdenis op. [48] Volgens door de BBC aangehaalde mediabronnen zou de sekte geŽvolueerd zijn naar een soort "georganiseerde en intimiderende bende in de onderwereld", die onder meer een aantal transportroutes controleert en heffingen oplegt. De sekte zou naar eigen zeggen 2 miljoen leden tellen en geÔnfiltreerd zijn in diverse geledingen van de samenleving. [49]

3.2.4. Onthoofdingen door Mexicaanse drugsbendes

In december 2007 werden in Mexico de onthoofde of verminkte lichamen gevonden van vijf mensen. In de mond van een van de afgehakte hoofden zat een afgehakte wijsvinger, in het oor van een ander afgehakt hoofd zat een duim. Het zou om een afrekening gaan in het milieu van de cocaÔnehandel [50]. En het blijkt daar niet het enige geval te zijn. De eerste negen maanden van 2006 alleen al werden 26 onthoofdingen gepleegd, waarbij hoofden op omheiningen gespiest werden of gedumpt werden op afvalhopen; er werd zelfs een hoofd op de dansvloer van een nachtclub gerold. [51] Recent zou ook een video-opname van een dergelijke onthoofding op internet geplaatst zijn. [52]

Vreemd genoeg brengen deze gruwelijke onthoofdingen waarvan de daders geen muslims zijn gťťn internationale golf van weerzin, verontwaardiging en veroordeling teweeg.

 



4. BESLUIT

De Koran is geen wetboek. Het is een leidraad die zich tot verschillende aspecten van het leven richt. Sommige verzen handelen over omgangsvormen in het dagdagelijks leven, andere handelen enkel over situaties van gewettigde oorlogen. En net zoals men in het Westen het krijgsrecht en het burgerlijk recht niet door elkaar haspelt, moet men ook bij lectuur van de Koran beide gescheiden beschouwen. Ook de Bijbel bevat trouwens een aanzienlijk aantal "geweldverzen" die, net zoals vergelijkbare verzen in de Koran, niet handelen over hoe burgers met elkaar horen om te gaan.

Bovendien laat de Koran muslims vrij inzake keuze van een maatschappijmodel om het doel van een rechtvaardige samenleving tot stand te brengen. Dat wil zeggen dat muslims bij de uitwerking van hun rechtsstelsel de keuze hebben zich al dan niet te laten leiden door hun religie. Wil men wel een religieus stelsel invoeren, dan kan dit slechts wanneer daarvoor een aan unanimiteit grenzende meerderheid is, en ook dan wordt godsdienstvrijheid gevrijwaard.

Dat de Koran bijvoorbeeld in sommige gevallen de doodstraf toestaat als straf na een gerechtelijke procedure, wil dus niet zeggen dat muslimlanden verplicht zijn de doodstraf in te stellen in het strafrecht. Het wil evenmin zeggen dat muslims mensen mogen vermoorden, net zoals het feit dat de Amerikaanse wet de doodstraf toestaat niet wil zeggen dat Amerikaanse burgers elkaar mogen vermoorden. Dat de koranische krijgsleer soldaten in het heetst van een gewettigde oorlog en wanneer het nemen van krijgsgevangenen logistiek niet mogelijk is, toestaat vijandige soldaten te doden, wil nog niet zeggen dat zij burgers mogen doden. Net zoals gelijkaardige regels in het Westerse seculiere krijgsrecht niet willen zeggen dat mensen in het Westen elkaar mogen doden. Dergelijke omstandigheden zijn geen algemene regels, maar vormen juist uitzonderingen op de algemeen geldende rechten en plichten.

Gelijklopend aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, vestigt de Koran een aantal fundamentele, universele mensenrechten, zoals daar zijn recht op leven en bescherming ervan, recht op vrijheid, recht op bescherming tegen arbitraire vrijheidsberoving. Alleen al op grond daarvan zijn gijzelingen een overtreding van de islamitische leer. Gijzelaars doden - ongeacht op welke manier - is moord. Ook volgens de islam, die deze misdaden streng veroordeelt. Moord van een onschuldig mens staat volgens de Koran zelfs moreel gelijk met het vermoorden van de hele mensheid en wordt dan ook zwaar bestraft.

Dat onthoofdingen van gijzelaars een internationale golf van verontwaardiging uitlokken (niet enkel in het Westen, maar ook in de muslimgemeenschappen), is meer dan terecht. Dat men in het Westen deze daden met de islam en muslims associeert, is evenwel een onrecht op zich.

Bovendien is de Westerse verontwaardiging bij de gruweldaden van onthoofdingen behoorlijk selectief. Een massale Westerse golf van verontwaardiging over en afwijzing van de onthoofdingen door de Colombiaanse terreurorganisatie FARC, de Mexicaanse drugskartels, of de Keniaanse Mungiki sekte, blijft uit. Waarom? Omdat de daders geen muslims zijn?

Wanneer men stelt dat dergelijke gruweldaden door de Koran voorgeschreven wordt, vertelt men niet alleen een leugen, maar een hatelijke laster. Wat heeft men te winnen bij het belasteren van een gans geloof, het zwaar beledigen van 1 miljard mensen, en het prediken en opzwepen van haat? Welke bedoeling schuilt er achter de niet aflatende inspanningen om islam en muslims ten onrechte af te schilderen als een groot "barbaars" gevaar? Welk model staan de anti-muslimisten voor wanneer ze om het eigen model ingang te doen vinden, haat moet prediken, mensen moet belasteren en beledigen, leugens moeten vertellen, mensen moeten opzetten tegen elkaar? Men zegt wel eens dat de beste manier om iets te verbergen openlijk in het zicht is. Welnu, verbergt men niet openlijk de eigen haatdragende ideologie achter dergelijk optreden? (PS: Over executies door middel van steniging - evenmin voorzien in de Koran - zal in een volgende Notitie gehandeld worden)

____________________

 


Noten en literatuur

  1. Zie Koran Notitie "De Koran over mensenrechten: hefboom of hindernis voor integratie?" - op deze website.
  2. Zie Koran Notitie "Dierenrechten in de islam" - op deze website.
  3. De maatregelen waarmee slavernij afgeschaft werd worden besproken in de Koran Notitie "De Koran over mensenrechten: hefboom of hindernis voor integratie? - op deze website.
  4. Zie Koran Notitie "De martelaren van de islam - en de fameuze 72 maagden" - op deze website.
  5. "Capital Punishment, Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Capital_punishment.
  6. "The Death Penalty Worldwide", Information Please® Database - http://www.infoplease.com/ipa/A0777460.html.
  7. Ibid.
  8. Voor de indeling werd gebruik gemaakt van de gegevens over religie per land in het "CIA World Factbook", CIA - https://www.cia.gov/library/publications/the-world-factbook/index.html.
  9. Zie Koran Notitie "Moskee en staat, een moeilijke verhouding?" - op deze website.
  10. Zie Koran Notitie "Terrorisme, voor of tegen God?" - op deze website.
  11. "Sharia, recht en religie", Terecht Gesteld, Juridisch Faculteitsblad Rijksuniversiteit Groningen - http://www.terechtgesteld.nl/artikel_sharia.html.
  12. "Koran doesn't call for beheadings, Islamic cleric says", USA Today, 20/6/2004 - http://www.usatoday.com/news/world/2004-06-20-koran-beheadings_x.htm.
  13. "The history of beheading", Richard Clarck - klik hier.
  14. "Decapitation", Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Decapitation.
  15. Ibid
  16. Ibid
  17. Zie Noot 13.
  18. "Guillotine", Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Guillotine .
  19. klik hier.
  20. Zie Noot 12.
  21. "Internationale oproep tot een moratorium op lijfstraffen, steniging en doodstraf in de islamitische wereld", Tariq Ramadan, 5 april 2005 - klik hier.
  22. "Capital punishment", Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Capital_punishment#Roman_Catholic_Church.
  23. Zie Koran Notitie "Omgaan met niet-muslims" - op deze website.
  24. Zie Koran Notitie "Zet de Koran aan tot geweld?" - op deze website.
  25. Zie Koran Notitie "Omgaan met niet-muslims", in de sectie over de slag om Badr en verzen die daarover handelen - op deze website.
  26. "Islamís Stance on Prisoners of War", IslamOnline - [klik hier]
  27. "Fundamentally speaking", Giles Fraser, The Guardian, 23 juli 2005 http://www.guardian.co.uk/religion/Story/0,2763,1534730,00.html
  28. Zie Noot 10.
  29. "Fighting against Oppression, in the Absence of the State", Moiz Amjad, Understanding Islam - klik hier.
  30. "Beheading civilians... Islamic?", Islam Online, Reading Islam - klik hier
  31. "Islam Hijacked", Rabbi Reuven Firestone, Professor of Medieval Judaism and Islam at Hebrew Union College in Los Angeles, Islam for Today - http://www.islamfortoday.com/firestone01.htm.  
  32. Zie Koran Notitie " Zet de Koran aan tot geweld?", meer bepaald in de bespreking van de verzen 2.190 en volgende op deze website.
  33. "Experts: Beheadings pervert legitimate law", Christy Oglesby, CNN - http://edition.cnn.com/2004/WORLD/meast/07/21/beheading.background/index.html
  34. Zie noot 10.
  35. "US Muslims condemn Beheadings", AllAmericanPatriots - http://www.allamericanpatriots.com/2001555__u_s_muslims_condemn_beheadings
  36. Ibid.
  37. "Muslim scholars denounce Berg's beheading", Islam Online - klik hier.
  38. "Iraqis condemn Beheading of American Civilian", Islam Online - klik hier.
  39. "Local Muslims Horrified by Events in Iraq", WBAY-TV - http://www.wbay.com/Global/story.asp?S=1867783&nav=51s7N7pt.
  40. "Local Muslims Condemn Beheading", WHNT - http://www.whnt.com/global/story.asp?s=1881421&ClientType=Printable.  
  41. "Australian Muslims condemn civilian's beheading", AAP General News, Highbeam - http://www.highbeam.com/doc/1P1-94528153.html.
  42. "Muslims condemn brutal beheadings" CAIR Florida - http://cairfl.org/ViewArticle.asp?Code=CM&ArticleID=328.
  43. "Chicagoland muslims condemn barbaric Berg murder", Council of Islamic Organizations of Greater Chic - klik hier.
  44. "Six FARC Kidnap Victims Found Dead" - http://poorbuthappy.com/colombia/post/six-farc-kidnap-victims-found-dead/.
  45. "Revolutionary Armed Forces of Columbia", Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Revolutionary_Armed_Forces_of_Colombia.
  46. "'Gang behind Togo's beheadings", BBC, 28 september 2007 - http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/7017939.stm.
  47. "Kenyan sect 'beheads' policeman", BBC 17 september 2007 - http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/6998446.stm.
  48. "Mungiki sect vows: no retreat, more beheadings", Kenya Times, 7 June 2007 - [http://www.religionnewsblog.com/18443/mungiki-17.
  49. "Mungiki", Wikipedia - http://en.wikipedia.org/wiki/Mungiki.
  50. "Profile: Kenya's secretive Mungiki sect", BBC, 24 Mei 2007 - http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/6685393.stm.
  51. "Mexico drug gang beheads mutilated bodies", International Herald Tribune, Reuters, 19 december 2007 - http://www.iht.com/articles/reuters/2007/12/19/america/OUKWD-UK-MEXICO-DRUGS.php.
  52. Mexican drug cartels now using decapitation to scare enemies", The San Diego Union Tribune, 1 October 2006 - http://www.signonsandiego.com/uniontrib/20061001/news_1n1behead.html.  
  53. "Video of man being beheaded surfaces on Web", IOL, 2 April 2007 - http://www.iol.co.za/index.php?set_id=1&click_id....
© Linda Bogaert, 2008.

PS
De (Nederlandstalige) Korancitaten in alle bijdragen van deze reeks zijn afkomstig uit: "De Koran. Een weergave van de betekenis van de Arabische tekst in het Nederlands", door Fred Leemhuis, isbn 90 269 40785, uitgeverij: Unieboek in Houten, 1989 (regelmatig herdrukt) - met dien verstande dat Arabische namen (vb Ibrahim) omwille van de herkenbaarheid vervangen werden door de Nederlandse naam (vb Abraham).

Contact: < L.Bogaert@telenet.be

• bogaert-index • cie-index • Islamitische Kwesties •

Webmaster            Update: 1/4/2013